Posts tagged ‘joden’

9 november 2014

Onverlaten – Over Van Agt, joden, moslims, Israël en antisemitisme

door Jan Dirk Snel

[Zondag 9 november 2014] Ik wist dus van niets. Vanavond, of misschien nog vanmiddag, om vijf uur dus, was er in de doopsgezinde kerk – die ‘onder het Lam’, zoals enigszins historisch onderlegden zich zullen herinneren – aan het Singel hier in Amsterdam een zogenaamde preek van de leek. Het ging dus om een kerkdienst, onder verantwoordelijkheid van de Doopsgezinde Gemeente en de Protestantse Kerk Amsterdam. En vandaag was de lekenvoorganger mr A.A.M. van Agt, minister van justie van 1971 tot 1977 en minister-president van 1977 tot 1982. Ik weet trouwens nooit goed wat ik van dergelijke mengvormen moet denken. Ik geloof niet dat ik er zo bar veel affiniteit mee heb. Ik was vanmorgen gewoon naar de Westerkerk geweest, waar het over Genesis 14 ging – het verhaal over Abraham en Melchisedek dus – en waar we na afloop het verhaal trouwens nog eens in de getekende versie van Robert Crumb meekregen, als extraatje. Een kerkdienst kan me niet gauw te traditioneel zijn en om actualiteit zit ik dan al helemaal niet verlegen. Die overspoelt ons de hele week al.

WilfiedScholtenZat

Maar enfin, op Twitter drong al snel tot me door, met name door de tweets van Rena Netjes, dat er iets aan de hand was. Iets voor half zes meldde ze dat er iemand uit het publiek tegen Van Agt begon te schreeuwen, even later gevolgd door ‘Het loopt helemaal uit de hand’. Op een balkon – of volgens mij zeggen we in een kerk dan vanouds: een galerij – werd een spandoek uitgerold met daarop de leus ‘Van Agt…. De Joden zijn jou zat !!!!’, met daaronder iets over ‘De drie van Breda’, inclusief de namen van het drietal, en twee blauwe davidsterren. Er schijnt ook nog een spandoek geweest te zijn waarop iets stond over de treinkaping bij De Punt in 1977. Beneden waren er kennelijk zo’n 25 actievoerders die de kerkdienst met hun geschreeuw verstoorden. Netjes vervolgde haar verslag: ‘Ok een aantal joodse mensen loopt nu met expres veel geluid stampend de zaal uit, man man dit is een kerkdienst…’ De politie kwam erbij en na een poosje kon de plechtigheid toch doorgang vinden en kon een kennelijk enigszins aangeslagen Van Agt zijn preek houden. Van Agt sprak inderdaad over het treurige lot van de Palestijnen.

Free Palestine!
Ik kom hierop terug, maar eerst iets anders, een herinnering. Deze zomer kwam ik op een warme zomeravond, het zal wel augustus geweest zijn, het Centraal Station uit. Op datzelfde moment marcheerde net een groep lieden het stationsgebouw binnen onder het scanderen van de leus ‘Free Palestine!’. Het zag er nogal militant uit en ik voelde me er niet geheel behaaglijk bij, maar misschien waren de jongelieden – dat waren het hoofdzakelijk – gewoon nogal enthousiast. Ik vroeg me alleen af wat ze nu met die leus bedoelden. Over welk Palestina ging het? Het deel dat niet tot Israël behoort, of – vandaar ook mijn onbehagen – misschien toch om het gehele oude Palestina? Kennelijk kwamen ze juist van een zogenaamde Gaza-demonstratie. Er zijn er een hele reeks geweest en ze trokken meestal niet de aandacht vanwege het thema – de Israëlische aanval op de Gazastrook – maar vanwege het wangedrag van een aantal deelnemers. Er werden soms zogenaamde ISIS-vlaggen getoond, er werden lelijke dingen over de Talmoed gezegd en soms was er ook sprake van antisemitische uitingen.

Daar was veel ophef over. Misschien te veel, maar misschien toch ook weer niet. Zakelijk bezien was de aandacht soms wel erg groot. Het ging tenslotte slechts om vrij kleine groepen. Degene die schreef ‘Het is vijf voor 1933’, overdreef enorm. Van een dergelijke situatie is simpelweg geen sprake. Hij besefte dat in zekere zin ook zelf wel, want hij merkte zelf op dat er bij de demonstratie in Den Haag waar hij op doelde, ‘meer omstanders en meelopers dan antisemitische schreeuwlelijken’ waren. Zakelijk gesproken maakt slechts een zeer klein deel van de Nederlandse bevolking zich schuldig aan dergelijke uitingen. Tegelijk is de ophef ook wel weer terecht. Ook een klein beetje openlijk antisemitisme valt niet te tolereren. Ook dat kan het leven van joden al behoorlijk verstoren. En we willen het gewoon niet hebben. Zo al niet en er zijn zwaarwegende historische redenen die extra klem aan de zaak gegeven.

NetjesDaarbij kan niet over het hoofd gezien worden dat nogal wat van de lieden die zich aan antisemitische uitingen schuldig maakten, van islamitische huize waren, zij het niet uitsluitend. Maar dat gegeven kunnen we maar beter onder ogen zien. In bepaalde kringen is er duidelijk meer voedingsbodem voor dan in andere. Tegelijk doen we er verstandig aan om ons te bepalen tot wat we waar kunnen nemen. Het heeft uiteraard geen zin om een gehele bevolkingsgroep hierop aan te zien, al zou het niet gek zijn als men zich in bepaalde kringen enige vragen stelde.

Antisemitisme
Dat de ene groep zich meer met de ene partij identificeert en de ander eerder met de andere, ligt nogal voor de hand, ook al kan die identificatie dan vervolgens nog wel weer allerlei verschillende gedaanten aannemen. Dat Nederlandse joden vaak veel met Israël hebben, is vanwege het joodse karakter van de staat en veelvuldige persoonlijke betrekkingen tot inwoners ervan niet verwonderlijk. Dat nogal wat Nederlandse moslims vanuit de gedachte van de oema, de islamitische wereldwijde gemeenschap, eerder met de Palestijnen in het Heilige Land, waarvan het grootste deel ook moslim is, meeleven, is ook al niet vreemd. Daar is ook niks mis mee, zolang mensen zich redelijk en genormeerd blijven gedragen en oog houden voor alle aspecten van het conflict. Maar felle kritiek op Israël is natuurlijk op geen enkele wijze een verontschuldiging voor antisemitische uitingen. Men hoeft daar echt geen toevlucht toe te nemen om uiting te kunnen geven aan verontwaardiging over Israëlische acties in Gaza.

Om een voorbeeld te geven: het lijkt me nogal helder dat de pro-Israëlische houding van Leon de Winter, wiens schrijfsels op mij, laat ik het voorzichtig zeggen, vaak nogal pathetisch en weinig zakelijk overkomen, iets te maken heeft met zijn joodse achtergrond. Maar als men het er niet mee eens is, kan men de man zakelijk bestrijden, men kan zich desnoods vrolijk maken over zijn redeneringen, het is geen enkel excuus voor antisemitische uitlatingen. Iets al te vaak zag ik de afgelopen zomer bij sommigen een zekere neiging tot vergoelijking. Ja, uiteraard hangt bij tijden toenemend antisemitisme samen met het optreden van Israël, maar een zakelijke verklaring hoeft er nog niet toe te leiden dat men er luchthartig over doet.

Een dubieus voorbeeld kwam ik deze zomer tegen in een artikel van Jordan Skinner, dat vorig jaar verschenen was in Reflections on Anti-Semitism onder redactie van Alain Badiou, Eric Hazan en Ivan Segré. Over zwarte en Arabische Franse jongelingen schrijft Skinner: ‘What these young people feel is not anti-Semitism, but rather a hostility, “political but not well politicized”, to what is perceived as the position of the Jews in France.’ ‘Choosing the term “anti-Semitic” as a description for the political mood of these young people, and claiming an ‘upsurge’ of this anti-Semitism, is not the description of an actual situation, but an operation of stigmatization.’ Hier gaat verklaren iets al te opzichtig over in wegverklaren. Waarom beschuldigen mensen de bewuste jongeren van antisemitisme? Kennelijk omdat ze zich zo uiten. Waarom zou dat ‘antisemitisme’ anders door Skinner in andere termen herschreven moeten worden? Ja, vooral als het om Israël gaat, dat zichzelf als een Joodse staat definieert, is het soms lastig, maar ook dan en vooral als het om Franse joden gaat, is er geen enkele reden om bewoordingen niet toch zorgvuldig te kiezen. In feite zegt Skinner: ach, die jongeren zijn te dom om te begrijpen wat ze bedoelen, wat op zich nogal van een neerbuigende houding getuigt. Hij bestaat het dus zelfs om een kennelijk terechte beschuldiging om te draaien in ‘stigmatering’ en een aanval, ook in klassentermen, op die jongeren. Hij beseft kennelijk niet dat ze aanspreken als morele subjecten, die verantwoordelijk zijn voor hun uitingen, van heel wat meer respect getuigt.

GeenexcuusStrategische inzet
Antisemisme valt gewoonweg niet te tolereren, wat de (verklarende) achtergronden ook zijn. Tegelijk moeten we ook niet over het hoofd zien dat hier kennelijk ook hele strategieën in de strijd om de publieke opinie ingezet worden. Deze zomer verscheen er bijvoorbeeld een grote advertentie onder het opschrift ‘Geen excuus voor jodenhaat’ in De Telegraaf. Al snel bleek dat die georganiseerd was door het CIDI. Maar doet dat op zich iets aan de inhoud af? Nee, zou ik zeggen. Een duidelijk geluid tegen antisemitisme is op zich terecht.

Tegelijk is het niet onverstandig om onder ogen te zien hoe ook deze terechte strijd strategisch ingezet wordt. ‘Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken, dat ”het toenemend antisemitisme”‘ de beste vriend is van sommigen in de Joodse gemeenschap’, schreef Jaap Hamburgervoorzitter van de stichting Een Ander Joods Geluid, op donderdag 31 juli 2014 in de Volkskrant en op vrijdag 1 augustus in NRC Handelsblad. Het is een wat riskante opmerking, maar naar mijn idee geen onjuiste. Ja, sommigen zetten de strijd tegen antisemitisme kennelijk maar al te graag in om kritiek op Israël verdacht te maken.

En dat is dus ook wat vanavond in de doopsgezinde kerk aan het Singel gebeurde. Ik weet niet hoevelen van de onverlaten aldaar uit joodse kring afkomstig waren, en het doet er ook niet toe, maar als ze op een spandoek stellen dat ‘de joden’ Van Agt zat zijn, dan overschrijden ze duidelijk een grens. Regelmatig zie je ook op Twitter mensen Van Agt van antisemitisme beschuldigen en ook vanavond zag ik het weer. Als de argumenten op zijn, neemt men kennelijk zijn toevlucht tot valse beschuldigingen. Het is een teken van zwakte. Bewijs kan men kennelijk nooit vinden. Van Agts boek Een schreeuw om recht. De tragedie van het Palestijnse volk (Amsterdam 2009) heeft men kennelijk nooit gelezen. Had men dat wel gedaan en van andere geschriften van zijn hand kennis genomen, dan zou men weten dat hij juridisch zeer zorgvuldig argumenteert. Hij is niet tegen Israël, hij is tegen de bezettingspolitiek van dat land. (Tussen haakjes: de bezetting is op zich niet illegaal, het is het zakelijke resultaat van een oorlog, maar de wijze waarop Israël die nu al 47 uitvoert, is dat in vele opzichten wel degelijk.)

Schaamteloos
Een bijeenkomst verstoren hoort natuurlijk niet, maar het komt wel eens vaker voor. We zijn daar op zich wel aan gewend. De wijze waarop dat vanavond gebeurde, is wel zeer verontrustend. Er werd weer eens gemeen op de man gespeeld, zoals dat nu al jaren gaat bij Van Agt. Men kan het wat mij betreft best op zakelijke gronden met hem oneens zijn, al is het juridische gelijk nogal sterk aan zijn kant. Maar men kan zich uiteraard afvragen of niet andere politieke overwegingen ook gelden. Of wat bijvoorbeeld het relatieve belang van de zaak is. (De beschuldiging van eenzijdigheid klopt trouwens altijd als iemand zich voor een specifieke zaak inzet en die zegt dus niet bar veel.) Men kan wat mij betreft allerlei argumenten aanvoeren, zolang men maar zakelijk ingaat op wat Van Agt echt betoogt. Maar dat gebeurde dus vanavond niet en dat gebeurt heel vaak niet als om hem gaat.

VanAgtSchreeuw‘”Van Agt … de Joden zijn jou zat!”. Actie in kerk tegen rabiaat Israel-hater Van Agt.”’ retweette Esther Voet van het CIDI met kennelijke instemming ene Eliezer Yair. Schaamteloos, ik kan niet anders zeggen. ‘Israël-basher Van Agt uitgejouwd tijdens lezing’, kopte De Dagelijkse Standaard en in tweet voegde auteur Frank Verhoef daar aan toe: ‘Mooi zo’. Aha, uitjouwen behoort dus tot het repertoire dat Verhoef wel toejuicht. Weten we dat ook weer. ‘Tja, Van Agt roept dat zelf over zich af door zijn ongenuanceerde mening over Israël en de Palestijnen’, zo vergoelijkte Hans van Eeken de actie van de onverlaten al direct. ‘Het is een gotspe dat een antisemiet spreekt tijdens een herdenking van de Kristallnacht’, waagde ene Wim Brink te schrijven. Ik kan nog wel even doorgaan. Duidelijk is dat nogal wat figuren er kennelijk nogal curieuze opvattingen op nahouden over wat gepast maatschappelijk gedrag is, en hun haat weer eens de vrije loop lieten.

Maar waarom eigenlijk? Ja, dat is de vraag. Argumenten heeft men niet. Men weet heel goed hoe zorgvuldig Van Agt is. Maar wat denkt men dan te bereiken? Denkt men werkelijk dat men hem zo monddood kan maken? Is men zo bang voor hem? Hoe het ook zij, mensen overtuigen doe je zo echt niet. Israël verdedig je zo al helemaal niet. Als een land, beter: het optreden van een land met haat en intimidatie tegen kritiek verdedigd moet worden, is er kennelijk heel wat aan de hand. En dat is natuurlijk ook zo. Deze lieden hebben bepaald niet het beste met Israël voor, want dan zouden ze zich wel anders opstellen.

Tot besluit
Tegenwoordig trekken extreme uitingen van schreeuwlelijken, mede door de werking van de sociale media, nogal veel aandacht, Dat was zo bij de antisemitische leuzen bij enkele demonstraties deze zomer en dat is nu het geval bij de haatactie tegen Van Agt. Antitsemitisme willen we niet, loos iemand van antisemitsme beschuldigen is even verwerpelijk.

Het enige dat redelijke mensen kunnen doen, is beide soorten haat zonder aarzelen onomwonden afkeuren. Mensen die eraan meedoen, stellen zich buiten de redelijke discussie. Dat de vanzelfsprekende sympathie van de een meer bij de ene partij ligt en die van een ander eerder naar de tegenpartij uitgaat, is het probleem niet. In een open discussie kunnen de argumenten die ze aandragen, vervolgens alleen maar tot meer verheldering leiden. En uiteindelijk gaat het niet alleen om sympathieën, maar ook om feiten: onder ogen zien wat er gebeurt. Daar heeft het debat rondom Israël en de Palestijnen vooral behoefte aan. Tot heil van alle mensen daar.

Naschrift (10 november, 0.35 uur)
Zoals dat meestal gaat, heb ik na plaatsing nog enkele correcties aangebracht en een paar woorden vervangen of toegevoegd. Inhoudelijk is er niets veranderd. Er staat trouwens nog steeds te vaak ‘kennelijk’, veertien keer, maar vooralsnog laat ik dat maar zo. Had ik bij het schrijven maar beter op moeten letten.

(167)