Archive for ‘Politiek – Israël en Palestina’

31 mei 2014

Een stad in Palestina – Wil de gemeente Eindhoven Israël werkelijk met straatnaambordjes ‘van de kaart vegen’?

door Jan Dirk Snel

[Zaterdag 31 mei 2014] Gisteren kreeg ik een e-mailbericht binnen van Likoed Nederland. Op de een of andere wijze ben ik op de verzendlijst beland en op zich vind ik dat niet eens onaangenaam. Het probleem van berichten en meningen over Israël, de Palestijnse gebieden en de omliggende contreien is in het algemeen niet dat veel informatie op zich niet klopt – al komt ook dat herhaaldelijk voor – maar wel dat de standpunten zo gepolariseerd zijn dat iedereen vooral zijn eigen kleine waarheid benadrukt. En ook al kloppen al die waarheidjes vaak wel, je moet ze ook een beetje evenwichtig in een groter verband kunnen zetten en daar is niet iedereen op uit. Elk brokje informatie, elke zienswijze kan dan een kleine bijdrage leveren. Likoed Nederland is duidelijk partij, maar het kan soms nuttig zijn om ook uit die hoek iets te horen.

Namen Heilige Land Vlokhoven 02

Naar bijbelse plaatsen genoemde straten in de wijk Vlokhoven in het Eindhovense stadsdeel Woensel-Noord

Van de kaart
Gisteren stond er boven het bericht groot: ‘De gemeente Eindhoven veegt Israël van de kaart’. Het staat trouwens ook op de website van Likoed Nederland. Maar daar begon de tekst vervolgens niet mee. Die zette in bij de ‘schietpartij’ bij het Joods Museum vorige week in Brussel waarbij, ik citeer, ‘vier onschuldige (Joodse) burgers’ werden doodgeschoten. (Terloops: er zijn ook mensen die de hier door Likoed Nederland gebruikte term ‘schietpartij’ afkeuren, omdat het om slechts één schutter gaat.) Maar via de ‘continue haatcampagne tegen Israël’ en de opmerking dat kritiek op Israël best mag, maar dat er van ‘normale, evenwichtige kritiek’ allang geen sprake meer is, kwam men dan toch ter zake – nu ja, dat valt nog te bezien. Ik citeer:

‘Vooral in linkse kringen begint het salonfähig te worden om Israël niet langer enkel te bekritiseren, maar om ook het bestaansrecht van dit land ter discussie te stellen of soms zelfs te ontkennen. Israël moet van hen worden opgeheven. Deze vernietigingsdroom doet zich alleen voor bij de Joodse staat, niet bijvoorbeeld bij de 18 officieel christelijke staten of de 26 officieel islamitische staten.
Waartoe dit kan leiden is te zien in de PvdA-gemeente Eindhoven. Daar, in het stadsdeel Woensel, ligt een aantal straten met namen als Nazarethlaan en Tiberiaspad.
Allemaal steden die, zo leert de Grote Bosatlas, in het noorden van Israël liggen, in internationaal onomstreden gebied.
De gemeente Eindhoven heeft onder de naambordjes bij deze straten echter het onderschrift ‘stad in Palestina’ laten plaatsen. Wat wil de Gemeente Eindhoven hiermee zeggen? Dat Tiberias, waar overwegend Joden wonen, eigenlijk door de radicaal-islamitische terreurorganisatie Hamas zou moeten worden bestuurd?
Hamas, die in zijn grondwet heeft staan dat alle Joden de zee in gedreven moeten worden, zodat ‘Palestina’ een puur islamitisch land wordt?
De gemeente Eindhoven liegt en bedrijft zo politiek. Politiek met een hele rare smaak. Het zou de gemeente Eindhoven daarom sieren als zij het onderschrift op de naambordjes bij straatnamen als Tiberiaspad zou verwijderen, of zou voorzien van ‘Stad in Israël’.
Zodat deze gemeente niet langer meedoet met de delegitimatie van Israël als en de Joden, met alle gevolgen vandien.’

Iemand had kennelijk iets ontdekt. En volgens het Eindhovens Dagblad heeft het Kamerlid Joram van Klaveren van de Groep Bontes / Van Klaveren – klinkt een beetje naar een advocatenkantoor, vind ik – minister Plasterk van Binnenlandse Zaken er vrijdag direct vragen over gesteld. Op de site van de Tweede Kamer en van de politieke groepering valt er op dit moment nog niets over te vinden – op de dag na Hemelvaartsdag wordt er niet overal gewerkt – maar ze zijn al wel toegevoegd aan het bericht op de site van Likoed Nederland.

En inmiddels blijkt het bericht ook Israëlische media gehaald te hebben. ‘Dutch city calls Jerusalem, Nazareth “cities in Palestine”‘ kopten vanmorgen zowel The Times of Israel als The Jerusalem Post: ‘Local Jewish organization says Eindhoven street signs guilty of “wiping Israel off the map”‘.

Palestina in Vlokhoven
Wat is hier aan de hand? Is er eigenlijk wel iets aan de hand? Tegenover de NOS kon of wilde de woordvoerder van de gemeente Eindhoven gisteren nog niet inhoudelijk reageren op de kritiek. Het enige wat hij kwijt wilde, ‘is dat er in de stad op veel meer plekken straatnaamborden hangen met een onderschrift’.

Toch lijkt het niet zo moeilijk. Het eerste dat opvalt, is dat de foto van het Tiberiaspad die bij het bericht van Likoed Nederland gevoegd is, afkomstig is van Google Maps – of preciezer Google Street View – en The Times of Israel heeft er uit dezelfde bron eentje van de Nazarethlaan. Ieder die zelf even op Google Maps zoekt, kan de bordjes met toelichting her en der zo vinden. De conclusie moet dus zijn dat de borden er kennelijk al even staan, in ieder geval sinds oktober 2008, want dat is de datering die Google zelf aangeeft. Het gaat dus niet om een recent besluit of iets van dien aard. Hier wordt van iets ouds en bestaands uit het niets, zonder enige aanleiding, nieuws gemaakt.

Het gaat hier om een aantal straten in de buurt Vlokhoven in het stadsdeel Woensel-Noord. (Over de modernisering van Woensel als toonbeeld van een algemeen proces op microniveau schreef Gabriël van den Brink ooit zijn fraaie boek De Grote Overgang. Een lokaal onderzoek naar de modernisering van het bestaan. Woensel 1670-1920 (Nijmegen 1996), die ik ooit in Trouw besprak – de intro is duidelijk weggevallen – maar dit terzijde.) De wijk moet zo in de jaren zestig gebouwd zijn; in ieder geval was in 1975 alles vol. De straatnamen moeten dus in die tijd, inmiddels zo’n halve eeuw geleden, zijn toegekend. Het gaat om namen als Jerusalemlaan, Bethlehemlaan, Jericholaan, Samarialaan, Judealaan, Nazarethlaan, Hebronstraat, Sichemstraat, Bethaniëstraat, Gibeonstraat, Bethelstraat, Sionstraat, Nebostraat, Taborstraat en Tiberiaspad. Of ik ze nu allemaal te pakken heb, weet ik niet, maar het beeld is in ieder geval duidelijk. Namelijk dat het hier om bijbelse geografische namen gaat.

Nebo3

Nebostraat, Vlokhoven, stadsdeel Woensel-Noord in Eindhoven: ‘berg in Palestina’

De naamgeving als zodanig heeft waarschijnlijk eerder met het katholieke verleden van Eindhoven te maken en met de KVP, als er tenminste al politieke overwegingen in het spel waren – op zich niet waarschijnlijk, al houden straatnamencommissies vaak terecht wel rekening met de samenstelling van de bevolking – dan met ‘linkse’ politiek of de gesmade PvdA. Daar duidt ook de spelling op: Jerusalem en Sion met een s, zoals dat in katholieke kring gebruikelijk was. Het gaat om plaatsen uit zowel het Oude als het Nieuwe Testament: bij Bethanië of de Tabor denkt men allereerst aan de evangeliën. Kortom, het gaat om de geografie van het Heilige Land zoals we die uit de Bijbel kennen. En het was tot voor kort – en misschien nog wel – gebruikelijk om dat als Palestina aan te duiden. In mijn jeugd in de jaren zestig spraken oudere mensen, in ieder geval die van de generatie van mijn grootouders, meestal of althans dikwijls over Palestina, in ieder geval als het om het gebied en niet specifiek over de actuele politiek ging. Zo hadden ze het nu eenmaal ooit op school geleerd. En als het over nieuwtestamentische tijden gaat, is het altijd nog gebruikelijk om het (onder meer) over Palestina te hebben.

Dat het hier om de oude aanduiding gaat, blijkt ook uit een naam als de Nebostraat. De Nebo is volgens het bordje een ‘berg in Palestina’, maar naar hedendaagse begrippen ligt deze berg, volgens Deuteronomium (34:1) ‘een van de toppen van de Pisga, tegenover Jericho’, die Mozes voor zijn dood beklom, vanwaar de HEER hem ‘het hele land’ liet zien – ‘het hele gebied van Gilead tot aan Dan’ – toch echt in Jordanië. Anders dan het bericht stelt, gaat het dus ook niet om ‘allemaal steden die (…) in het noorden van Israël liggen, in internationaal onomstreden gebied’, maar om geografische aanduidingen uit het gehele Heilige Land, om gebieden, steden, dorpen en bergen die nu zowel in Israël, de Palestijnse gebieden als dus Jordanië liggen.

Contraproductief
Kortom, voor de goede en welwillende verstaander is het volstrekt duidelijk. De gemeente Eindhoven gebruikt slechts een traditionele aanduiding ter toelichting. Nu de term ‘Palestina’ verder gepolitiseerd is en in actuele politieke beschouwingen niet meer het hele gebied aan beide zijden van de Jordaan aanduidt – verwees de Likoed trouwens vroeger niet met een zekere graagte naar die aanduiding van het nog ongesplitste mandaatgebied uit 1922? – zou het wellicht overweging verdienen om bij een eventuele vervanging een nu mogelijk iets meer als neutraal ervaren omschrijving te kiezen als bijvoorbeeld het ‘oude Palestina’ of ‘het Heilige Land’, een neutrale term die in het Engels gebruikelijker is dan in het Nederlands, maar niemand die de verschillende bordjes in de wijk even bekijkt, zal serieus op de gedachte kunnen komen dat de gemeente Eindhoven hier ‘meedoet met de delegitimatie van Israël en de Joden’. Flauwekul, regelrechte flauwekul.

Likoed Nederland trekt wel een erg grote broek aan. Ze kan wel zeggen dat de gemeente Eindhoven ‘liegt’, maar de enige die hier welbewust liegt, is toch de beschuldiger zelf. Hier wordt ‘nieuws’, vals, misleidend nieuws verzonnen. Denkt de vereniging nu echt dat de gemeente Eindhoven werkelijk wil zeggen, ‘dat Tiberias, waar overwegend Joden wonen, eigenlijk door de radicaal-islamitische terreurorganisatie Hamas zou moeten worden bestuurd?’ De suggestie is niet anders dan kwaadwillig. De vraag is alleen wat de zin of het doel van zo’n doorzichtige actie is. Wat bereikt Likoed Nederland met dit afgeven op denkbeeldige ‘linkse kringen’? Niets, helemaal niets. Behalve dan mogelijk een averechts effect. Als ze nou nog geconstateerd had dat een vanouds volstrekt begrijpelijke en eenduidige aanduiding met verloop van tijd andere connotaties kan krijgen, dan had ze wellicht nog een zeker punt gehad. Maar nu is ze niet op redelijkheid uit. Holle, veel te grote woorden, om meer gaat het niet.

Het gaat hier alleen maar om aandachttrekkerij, maar wel om schadelijke aandachttrekkerij. Uiteindelijk komt dit toch weer neer op een ‘actie beschadiging Israël’. Het is dit soort valse propaganda dat Israël zo veel kwaad doet, dat de aandacht afleidt van de werkelijke problemen en oplossingen en ook van punten die voor het Israëlische perspectief wel van belang zijn. Door dit soort onredelijkheid wenden mensen die die doorzien, zich al gauw af. Waarom zou je mensen die zulke onzin verspreiden, nog serieus nemen? Dit is dus alleen maar contraproductief, met name voor de gevallen waarbij men toevallig, of juist helemaal niet toevallig, wel een keer een goed punt te pakken heeft. Wie vertrouwt Likoed Nederland dan nog? En het richt vooral onheil aan in Israël. Met valse informatie wordt daar toch weer het beeld bevestigd dat de hele wereld tegen hen is: een gemeente in Nederland die denkt dat Tiberias en Nazareth eigenlijk in de Palestijnse gebieden liggen? En dus Israël het liefst ‘van de kaart’ wil vegen? Zie je wel, hoe erg het is? In Nederland zal de waarheid nog wel tot een aantal mensen doordringen, maar zal dat ook in Israël gebeuren?

Evenwicht
Er is veel kritiek op Israël en helaas vaak nog terecht ook, vooral als het om details gaat – nou ja, details, vaak gaat het wel om mensenlevens – maar er is inderdaad ook kritiek op Israël die de verhoudingen compleet uit het oog verliest. Het gaat erom alle partijen in wat ik nu maar traditioneel het Heilige Land noem, recht te doen. Waar het op aankomt, is het vinden van een evenwicht, om de juiste balans. Oprecht daarnaar streven is al moeilijk genoeg.

De laatste tijd heb ik heel weinig of in feite nauwelijks iets over Israël, de Palestijnse gebieden en ‘het conflict’ of ‘het vredesproces’ geschreven, omdat het allemaal zo dodelijk vermoeiend is, je al gauw in een mijnenveld belandt en al dat commentaar toch geen millimeter helpt. En dan is er ook nog de overweging wat het allemaal voorstelt naast de enorme aantallen doden in Syrië, de grote problemen in Egypte en elders in de omringende wereld, een overweging die weliswaar zeggingskracht heeft, maar tegelijk ook weer niets afdoet van de werkelijke problemen, hoezeer we die ook in perspectief pogen te zetten. Al maanden geleden heb ik opgemerkt dat ik nog eens een stukje wilde schrijven waarom ik zelden of nooit nog iets zeg of schrijf over Israël en de Palestijnen, maar het kwam er nooit van en ik weet niet of het er ooit nog van komt.

Ik vraag me af of het weerleggen van dit soort propagandistische onzin wel zin heeft en geen verspilling van mijn tijd is. Maar mijn oog viel hier nu eenmaal toevallig op. Het zou in ieder geval goed zijn als betrokkenen eens ophielden juist hun ‘eigen partij’ te beschadigen. ‘Normale, evenwichtige kritiek’ is welkom, merkt Likoed Nederland op. Wat ik wel zeker weet, is dat dit geen ‘normale, evenwichtige kritiek’ – in andere richting dan – is. Dit is alleen maar loze ophef die de zaak van Israël schaadt. Maar ik zal de berichten van Likoed Nederland gewoon blijven volgen en elke keer, zij het met enig gerechtvaardigd wantrouwen, kijken of er misschien toch iets in zit.

Het beantwoorden van de suggestieve Kamervragen van Joram van Klaveren is ieder geval een peulenschil. Dat valt dan alvast weer mee.

Naschrift (21.00 uur)
Twee dingen, om met een politicus die een portretje van de Israëlische premier Golda Meir op zijn bureau had staan, te spreken.

1. Op Twitter wees de immer gewaardeerde econometrist Jaap de Vries – volg hem! – me op de site Straatnamen en straatnaamgeving in Eindhoven 1340-2014 door Jan Spoorenberg. Daarop vinden we ook het document Straatnamen in de gemeente Eindhoven 1920-2014 en dat verschaft een uitstekende toelichting, precies wat we nodig hebben. Ik citeer de relevante passage uit deze verhandeling:

‘Bethaniëlaan, Bethelstraat, Bethlehemlaan, Gibeonstraat, Hebronstraat, Jericholaan, Jerusalemlaan, Judealaan, Nazarethlaan, Nebostraat, Samarialaan, Sichemstraat, Sionstraat, Taborstraat, Tiberiaspad (Heilig Land, 16 mei 1967)
De commissie had niet helemaal haar zin gekregen. Eén zijde van de Vlokhovenseweg werd een akkergebied, maar voor de andere zijde werd een ander thema gekozen. Mogelijk geïnspireerd door de nabije Tempelstraat besloot de commissie tot geografische namen uit het oude Palestina. Blijkbaar leefde het idee dat een groot aantal namen nodig was, want commissielid J. Renders schakelde zijn kennis P.J. Meertens in, die in Amsterdam directeur was van de Bureaus voor Dialectologie, Volkskunde en Naamkunde, het huidige Meertens Instituut. Een van diens medewerkers stelde een lijst van vier pagina’s op met namen die tot ver buiten het Heilig Land reikten.’

Altijd aardig om de man wiens naam we zonder Het Bureau van Voskuil trouwens ook nog wel gekend hadden, weer tegen te komen. En ter verduidelijking: wie even naar Vlokhoven op Google Maps kijkt, ziet dat straten aan de oostelijke of zuidelijke zijde van de Vlokhovenseweg namen dragen als Geestakker, Veelakker en Pachtakker – ik hoef ze niet allemaal op te zoeken. Hier gaat het om de straten ten westen of noorden van de genoemde weg, waarbij de Jericholaan wat oostelijk uit het gareel valt. Er blijkt – eerste punt – dus ook uit dat de staatnamencommissie een wel erg lange lijst had opgesteld, maar dat er slechts vijftien nodig waren, die Spoorenberg hier allemaal opsomt en die ik in het stuk hierboven dus wel degelijk allemaal te pakken had. Ook mijn datering – punt twee – blijkt aardig te kloppen: de namen werden kennelijk op 16 mei 1967 vastgesteld. En – derde punt – het blijkt dus inderdaad om het ‘Heilig Land’ te gaan. (Ik schreef wel over het Heilige Land, met een e dus, maar roomsen plachten die slot-e in het adjectief weg te laten, zoals dat ook in de naam van de Heilig Landstichting een in de gemeente Groesbeek gelegen dorp nabij Nijmegen, ooit woonplaats van de eerste premier van CDA-huize, genoemd naar het gelijknamige museum, nu postverzuild en nietszeggend Museumpark Oriëntalis geheten, geschiedde.) Kortom, wat ik al dacht, wordt hier nog eens expliciet bevestigd.

2. Ten tweede zou ik willen opmerken dat ik in het stuk hierboven tot twee keer toe heb aangegeven, dat ik besef dat ook namen in de loop van de tijd een andere connotatie, of zelfs andere connotaties, in het meervoud, kunnen krijgen, ‘dat de term “Palestina” in actuele politieke beschouwingen een andere betekenis heeft gekregen’ en dat het bij een eventuele, ooit komende vervanging van de al lang bestaande straatnaambordjes ‘wellicht overweging’ verdient om ‘een nu mogelijk iets meer als neutraal ervaren omschrijving te kiezen als bijvoorbeeld het ‘oude Palestina’ of ‘het Heilige Land’, twee termen die in het net hiervoor geciteerde fragment van Spoorenberg inderdaad blijken voor te komen – op die ontbrekende roomse e in het tweede adjectief na dan. In een alleszins aangename Twitteruitwisseling met Joop Soesan, die op zich terecht opmerkte dat er in de huidige situatie twee gebieden zijn, namelijk één met de naam Israel en één met naam Palestina, had ik ook nog de optie ‘bijbels Palestina’ genoemd. Vervangingsmogelijkheden genoeg dus. Joop Soesan merkte op dat het nog beter was om ‘helemaal geen uitleg’ te geven en daar zit veel in, al bleek hierboven dat de gemeente Eindhoven nu eenmaal vaker uitleg verschaft en is – of was? – dat ook wel de trend. Maar er zit zeker iets in. Wie weet nu niet waar Jeruzalem, ahum Jerusalem, Nazareth, Tiberias of Bethlehem liggen? En aan wie het niet weet, is nadere toelichting waarschijnlijk toch niet erg besteed.

Op Twitter vroeg CIDI-directeur Esther Voet: ‘waar ligt Tiberias? Denk dat bewoners wijk danig in verwarring zullen zijn’, maar dat lijkt me toch sterk. Die wonen daar al langer en bij een niet al te minimale snuggerheid zullen ze de bijbelse afkomst van de vijftien straatnamen toch echt wel herkennen. Als er echt grote misverstanden gerezen waren, zou dat in de afgelopen jaren ook wel gebleken zijn. Maar als de bordjes ooit vervangen moeten worden, valt er zeker te denken aan een toelichting die uitgaat van een hedendaagse terminologie en die daarbij tevens recht doet aan het oorspronkelijke idee. Of, zoals al gesuggereerd, aan het volledig achterwege laten van een nadere omschrijving – dat is altijd veilig.

Maar urgent is het allemaal niet. Mijn stukje ging over opgeklopte, misleidende propaganda. Er was geen enkele reden om ineens ophef te maken van al jaren bestaande, voor ieder met enig verstand behept wezen begrijpelijke toelichtingen op enkele onschuldigie straatnaambordjes. Mijn stuk hierboven staat als een huis. Maar dat het ooit anders kan, daar ben ik het van harte mee eens. Haast heeft het allemaal zeker niet. De gemeente Eindhoven kan rustig aan doen. En moet maandag, als de kantooruren beginnen, maar even die uitleg geven die ik nu alvast belangeloos bood.

Tweede naschrift (21.45 uur, aangepast 22.00 uur)
Jaap de Vries, in het eerste naschrift vermeld, meldde mij op Twitter dat hij zijn bron vond via Joep de Geus, voorzitter van de CIDI Jongerenorganisatie, die gisteren al op Twitter vermeldde dat de straatnaam en de ‘ondertitel’ nog van voor Zesdaagse oorlog dateren en daarom naar geografisch Palestina verwijzen. Ik was zo ook al tot een soortgelijke conclusie gekomen, maar het is goed hiernaar te verwijzen. Ook De Geus merkt terecht op dat de naam in 2014 best veranderd mag worden: ‘veel te politiek beladen en controversieel zoals het er nu staat’. Over de aanduidingen op de bordjes valt in alle redelijkheid best te praten, maar dat was niet waar het persbericht van Likoed Nederland op uit was. Daar ging het me hier om. Het gaat hier om valse propaganda versus waarheid.

 (141)

20 november 2012

Hoe De Telegraaf desinformatie verspreidde – Kees Hulsman over wat Dries van Agt wél zei

door Jan Dirk Snel

.:.

Een week geleden publiceerde ik hier een stukje over Afshin Ellian en zijn aantijgingen tegen Dries van Agt. Ik ontving daarop een een e-mail van Cornelis (Kees) Hulsman, hoofdredacteur van de bekende site Arab West Report, die bij de bijeenkomst in Museumpark Oriëntalis (Heilig Landstichting, gemeente Groesbeek, nabij Nijmegen) aanwezig was geweest. In een reactie onder het bericht had ik daar al voorzichtig aan gerefereerd, zonder de naam te noemen overigens. Afgelopen zaterdag reageerde Kees Hulsman openbaar met een uitvoerig commentaar onder mijn stuk (dat ik na een afwezigheid van enkele dagen pas later toegankelijk kon maken).

Kees Hulsman (foto: Wikipedia)

De Telegraaf
Vanwege het belang van dit verslag en commentaar van een ooggetuige heb ik besloten het hieronder nog eens afzonderlijk te publiceren. Het valt dan hopelijk iets meer op. Ik heb de tekst volledig intact gelaten [dat is nu niet meer zo: ik heb nu enkele passages geschrapt, zie het naschrift], maar het wel even op spelling, verschrijvingen en dergelijke geredigeerd; iedereen kan de oorspronkelijke versie desgewenst ook bekijken [nu niet meer, zie ook hiervoor het naschrift]. En voor de helderheid heb ik tussenkopjes aangebracht (en in de e-mail die wordt weergegeven, heb ik ze voor de zekerheid tussen rechthoekige haken geplaatst).

Wel is duidelijk dat De Telegraaf bewust desinformatie verspreidde en dat dat maar al te gretig door andere media, waaronder Elsevier en het Reformatorisch Dagblad werd opgepikt en aangedikt; zie daarover ook mijn vorige stukje. Het bericht op de voorpagina van De Telegraaf van vrijdag 9 november 2012 onder de kop ‘Joodse staat in Duitsland’ , dat als zodanig slechts 167 woorden telt, begon als volgt:

‘De pro-Palestijnse activist Dries van Agt heeft gisteren het bestaansrecht van Israël afgewezen en gesuggereerd dat na de Tweede Wereldoorlog een deel van Duitsland had moeten worden ingeruimd als Joodse staat. Joden hebben een veilige plek nodig. Waarom hebben de Joden indertijd geen veilige thuishaven in Duitsland gekregen. Waarom moest dat zonodig Palestina zijn, zei Van Agt, die applaus oogstte van de aanwezigen, onder wie veel traditionele moslims.’

Een interview in het Reformatorisch Dagblad
Het is volstrekt duidelijk dat hier van bewuste desinformatie sprake was, om het maar eens erg voorzichtig te formuleren. Van Agt had het bestaansrecht van Israël niet afgewezen. Tot eer van het Reformatorisch Dagblad – en verslaggever Jacob Hoekman – moet gezegd worden, dat het in het geval aanleiding zag nadere helderheid te verschaffen door Van Agt zelf te interviewen. Dat stuk verscheen vrijdagavond op de website onder de titel ‘Oud-premier Van Agt “zag het licht” in Bethlehem’. Ik raad een ieder aan dat vooral te lezen. De tekst hieronder is verder volledig van de hand van Kees Hulsman.

De reactie van Kees Hulsman

 

Achtergrond
Ik was bij de presentatie van Van Agt aanwezig. Allereerst mijn achtergrond ten aanzien van de lezing. Ik ben op 8 oktober uitgenodigd door de Egyptisch-Nederlandse zakenman Dr. Wahaab Abdallah om in Nijmegen over ons werk in Egypte te spreken (www.arabwestreport.info). 8 oktober was de dag dat de Egyptische ambassadeur een welkomsreceptie gaf voor een Egyptische meerpartijendelegatie die Nederland bezocht. Van Agt was op deze receptie, Hanneke Gelderblom was hier voor D66 en zelf was ik er ook, naast Kamerleden, partijvertegenwoordigers van verschillende Nederlandse politieke partijen en individuele partijleden. Voor de goede orde: Van Agt en Gelderblom waren beiden door mij uitgenodigd voor deze receptie. Ik kon dat doen omdat ik de hoofdorganisator van deze delegatie was. Abdallah, ook uit Nijmegen, reed Van Agt naar Den Haag en bracht hem weer terug.

De bijeenkomst van 8 november
Het doel van de Egyptische delegatie naar Nederland was dialoog met Nederlandse partijen en Abdallah reageerde daarop door Van Agt, Gelderblom en mij uit te nodigen voor een dialoogbijeenkomst in Nijmegen. Hanneke Gelderblom zegde toe om na de presentatie van Van Agt over de dialoog Joden-Moslims te spreken. Zij behoort tot de Joods Liberale Gemeente van Nederland. Op geen enkele manier zouden zij of Van Agt namens een organisatie spreken, maar hun bijdragen waren persoonlijk.

Hanneke Gelderblom liet me een week van tevoren weten dat zij haar belofte tot haar grote spijt niet waar kon maken. Zij zou de presidentsverkiezingen in de VS waarnemen en zag dat haar vliegtuig op 8 november ‘s ochtends zou aankomen en niet de avond tevoren als eerder verwacht. Zij gaf me de namen van Harry Polak en Esther Voet (CIDI) om hen uit te nodigen om in plaats van haar aanwezig te zijn. Ik heb beiden gevraagd en beiden waren bereid geweest om te komen, ware het niet dat de vraag zo kort voor de betreffende datum kwam. Dat heb ik alle begrip voor.

Van Agt hoorde dit alleen op 8 oktober [dit moet november zijn, denk ik, jds] ’s ochtends en en ging direct naar huis om snel zijn standaardpresentatie over het Israëlisch-Palestijnse conflict op te halen. Het gevolg van het ontbreken van Joodse vertegenwoordiging, die dus heel duidelijk was uitgenodigd, was dat Van Agt de tijd van Gelderblom kreeg en die kon opvullen. Er was op dat moment ook niets anders mogelijk. Er was geen andere spreker en je kon niet verwachten dat de genodigden een uur, dat voor Gelderblom was ingeruimd, niets zouden doen.

Een journalist van De Telegraaf
Ik zat met Dr. Abdallah op de eerste rij en hoorde op een gegeven moment dat er een journalist van De Telegraaf was binnengekomen, foto’s had gemaakt en klaarblijkelijk ruzie had gemaakt met iemand die bij de ontvangst van de genodigden stond. Ik heb geen idee wie dat was, maar de ruzie ging over het feit dat hij niet was uitgenodigd en niet vooraf had gemeld dat hij zou komen en plotseling zich opdrong aan de organisatie, die daar niet op was voorbereid. De journalist vertrok weer nadat Van Agt zijn woordje had gezegd en that was it, dachten we op dat moment. Ik had er geen idee van dat deze journalist […] deze vuilspuiterij en leugens zou verspreiden. Toen ik op 11 november hiervan hoorde, schreef ik mw. Hanneke Gelderblom, Esther Voet en Harry Polak deze e-mail, die ik hier volledig weergeef:

Verzonden: zondag 11 november 2012 1:10
Aan: Hanneke Gelderblom; Esther Voet; Harry Polak
Onderwerp: wat is Federatief Joods Nederland […]

Beste Hanneke, Esther en Harry,

Ik was totaal verbaasd over artikelen in De Telegraaf en Reformatorisch Dagblad dat Federatief Joods Nederland aangifte heeft gedaan tegen oud-premier Van Agt. Voor zover ik weet, was niemand van hen aanwezig. […]

Van Agt heeft op de bijeenkomst in Nijmegen heel expliciet gezegd dat de Holocaust de grootste misdaad in de menselijke geschiedenis is. Hij maakte duidelijk het Zionisme niet te willen afwijzen. Hij heeft gezegd het dom te vinden dat Arabieren het delingsplan van 1947 niet hebben geaccepteerd en dat het daarom begrijpelijk is dat voor een tweestatenoplossing, Israël en Palestijnse staat, uit wordt gegaan van de grenzen van voor 5 juni 1967. Bezetting van in de Zesdaagse Oorlog veroverde gebieden vindt hij onacceptabel.

De berichtgeving was er klaarblijkelijk alleen op gericht om sensationeel en negatief over Van Agt te kunnen berichten.

[Bestaansrecht]
Het eerste bericht verscheen klaarblijkelijk in De Telegraaf van 9 november […]. Dat is niet op het internet terug te vinden, wel een verwijzing daarnaar door het ANP. Volgens het ANP zou De Telegraaf geschreven hebben dat Van Agt het bestaansrecht van de staat Israël afwijst. Ik ben bij de gehele presentatie van Van Agt aanwezig geweest en dit heeft hij beslist niet gezegd. De Telegraaf beweerde volgens het ANP ook dat Van Agt ‘heeft gesuggereerd dat na de Tweede Wereldoorlog een deel van Duitsland had moeten worden ingeruimd als Joodse staat.’ Van Agt heeft gezegd ‘dat het ‘logischer’ was geweest om de Joden een staat in Europa aan te bieden omdat hier de basis voor de Tweede Wereldoorlog lag. ‘Het Midden-Oosten had er helemaal niets mee te maken!’’

Dit was in de context van het verhaal dat de Palestijnen de prijs voor deze grote Europese misdaad moesten betalen. Jodenvervolgingen in Europa en de Holocaust hebben een stroom van migratie op gang gebracht, die vanuit het zicht van de migranten begrijpelijk was, maar voor de Palestijnen desastreus.

[Applaus en dialoog]
Het ANP bericht dat De Telegraaf schreef dat Van Agt met zijn uitspraken veel applaus onder de aanwezigen, ‘onder wie veel moslims’, oogstte. Van Agt heeft applaus geoogst, maar niet op het onderdeel waarin hij over Duitsland sprak.

Met ‘onder wie veel moslims’ wordt gesuggereerd dat Moslims tegen Israël zijn. Wat een vertekening. Dit waren moslims die voor dialoog waren!

Volgens […] Elsevier van 9 november zou Van Agt gezegd hebben: ‘Een dialoog tussen de Palestijnen en de Israëliërs is volgens Van Agt niet mogelijk. Een tweestatenoplossing komt er volgens de oud-premier dan ook niet: ‘Volslagen onzin om dat te hopen of te denken.’’

Wat een verwrongen weergave. Van Agt heeft niet gezegd dat een dialoog tussen Palestijnen en Israëliërs niet mogelijk is. Hij heeft ook aangegeven dat hij niet tegen het Zionisme in het algemeen is. Hij prees Een Ander Joods Geluid. Zijn ongeloof in een tweestatenoplossing was gekoppeld aan de verregaande settlementpolitiek waardoor de Westbank nu in vele onleefbare kleine eenheden is opgesplitst.

[Kristallnacht]
[Elsevier] belt met CDA-lid en communicatieadviseur Jack de Vries, die niet in Nijmegen aanwezig was, die dan zegt ‘Vooral met oog op de Kristallnacht (vanavond 74 jaar geleden) getuigen deze uitspraken van weinig respect voor de geschiedenis.’ Heeft De Vries dit echt spontaan gezegd of heeft de interviewer zijn verwrongen weergave van Van Agts woorden gegeven en dan De Vries gevraagd wat hij daarvan vond in het licht van de Kristallnacht-herdenking?

In ieder geval lijkt de verwijzing naar de Kristallnacht effect te sorteren. Het Reformatorisch Dagblad bericht vrijdagavond dat Federatief Joods Nederland (FJN) aangifte tegen Van Agt heeft gedaan. Voorzitter prof. mr. H. Loonstein vindt de uitspraken van Van Agt ‘een grove opzettelijke belediging.’ Opzet is voor hem evident, omdat hij deze vermeende uitspraken gedaan zou hebben kort voor de herdenking van de Kristallnacht. Van Agt zou volgens Loonstein aanzetten tot haat.

[Vertrouwen]
Jammer dat Loonstein alleen reageert op basis van hearsay en zelf niet bij de presentatie van Van Agt was. Het is ook heel jammer dat niet een van jullie zelf aanwezig kon zijn en zelf konden horen wat Van Agt te vertellen had. […]

Kennen jullie […] Federatief Joods Nederland? Wat is FJN voor een organisatie? De houding van prof. Loonstein lijkt veel op dat van activistische Koptische advocaten in Egypte; er wordt ergens iets beweerd, uitspraken worden niet geverifieerd, maar direct worden juridische stappen ondernomen. Ik vind dat niet erg sympathiek.

Met vriendelijke groet,

Kees

Heisa
Hanneke Gelderblom, Esther Voet en Harry Polak hebben daar in mails naar mij op gereageerd.  Gelderblom is op reis en schreef een korte mail: ‘nog steeds ontzettend jammer dat ik er niet bij kon zijn. moeten we beslist een andere keer overdoen.’ Esther Voet en Harry Polak schreven me hun commentaar dat ze het ook niet eens zijn met de standpunten van Van Agt, zoals ik ze in mijn email aan hen heb opgetekend. Dat is hun goed recht.

Belangrijk is echter dat we niet over meningen van anderen spreken op basis van wat media beweren, maar dat die contacten rechtstreeks zijn. […] Een totaal verwrongen weergave van de woorden van Van Agt. Natuurlijk is dat goed voor je eigen boterham. Je creëert een heisa en kunt dan weer meer daarover schrijven en dat betaalt natuurlijk. Ik hoop van harte dat de suggestie van Hanneke Gelderblom wordt opgevolgd: een nieuwe discussie tussen haar en Van Agt en dan wel een fatsoenlijke weergave daarvan!

Organisatie
Nog een opmerking over de organisatoren. Ik heb vooraf met ze gesproken, ze wilden uitdrukkelijk Joodse, Moslim en Christelijke bijdragen horen. Dat is positief. De organisatie liet echter nogal te wensen over. Het is veel te veel op het laatste moment georganiseerd. Met een langere voorbereiding en veel vroegere afspraken met sprekers had veel van dit voorkomen kunnen worden.

Nog een punt: Ik was dus op 8 november aanwezig. Ik ben op 9 november terug naar Egypte gevlogen in verband met werk voor ons kantoor in Caïro en ben in de afgelopen week extreem druk geweest met afspraken. Ik heb mijn e-mail aan Gelderblom, Voet en Polak aan Jan Dirk Snel gestuurd om hem daarmee te laten weten wat mijn weergave van de presentatie van Van Agt was. Ik heb Jan Dirk niet de antwoorden van de genoemde personen gestuurd. Dat moeten ze zelf doen. Ik heb alleen het antwoord van Hanneke Gelderblom doorgegeven waarin zij schrijft dat we dit nog een keer over moeten doen. Dat steun ik van harte! Dus door de zeer drukke reeks van presentaties die ik hier voor studenten in Caïro moest geven alsmede werk op kantoor, heb ik nu pas gereageerd. Vandaag is zaterdag, dat is ook een vrije dag in Egypte en dus eindelijk een moment om deze tekst te schrijven.

Naschrift 19 januari 2013
In het bovenstaande schrijven van Kees Hulsman heb ik enkele passages verwijderd. Ze zijn aangegeven door […].

Kees Hulsman ging er in zijn schrijven vanuit dat de onbekende journalist van De Telegraaf en de redacteur van Elsevier die als vervolg daarop twee korte berichten schreef, een en dezelfde persoon waren. Mij leek dat direct al een voorbarige conclusie. In mijn inleiding had ik in de derde alinea, die ik nu geschrapt heb, al geschreven dat ik daar ‘zonder nadere aanwijzingen’ zeker niet vanuit zou willen gaan; en daaraan toegevoegd: ‘mij komt dat vooralsnog zelfs ietwat onwaarschijnlijk voor’. En bij de eerste keer dat zijn naam in het schrijven van Hulsman viel en hij voor dezelfde persoon als de journalist van De Telegraaf werd gehouden, had ik al tussen haken toegevoegd: ‘deze conclusie, ook verderop, lijkt mij vooralsnog voorbarig’.

In december plaatste de genoemde Elsevier­-webredacteur een reactie onder dit bericht, waarin hij zijn verbazing over de identificatie uitte. Hij meldde dat hij alleen bij Elsevier werkte en zeker niet voor De Telegraaf, volgens hem een ‘ridicule suggestie’. Hij verzocht mij ‘de onterechte aantijgingen die hierboven worden geuit te rectificeren’. Dat heb ik vervolgens con amore gedaan. Aan mijn hierboven vermelde opmerking in de tekst van Hulsman had ik nu toegevoegd: ‘nadere opmerking december 2012: en inmiddels weten we dat ze volstrekt onjuist is; zie naschrift’.

In dat naschrift had ik nog eens geschreven dat de identificatie in het artikel volstrekt onjuist is. ‘Alles wat er dienaangaande over hem gezegd wordt, is dan ook ongegrond. ‘ Ik voegde daaraan toe: ‘Achteraf gezien had ik Kees Hulsman beter kunnen vragen zijn stuk te herschrijven met weglating van deze suggestie. Het punt waar het om ging, veranderde er immers niet door.’ Waarop ik de redacteur mijn excuses aanbood.

Een aantal dagen geleden ontving ik een e-mail van de betreffende redacteur, waarin hij overigens niet op de rectificatie inging, maar wel een nieuw verzoek deed. Hij verzocht mij nu vriendelijk het bericht te verwijderen. Het lijkt mij dat algehele verwijdering van gehele stuk te ver gaat. Daarvoor bevat het te veel waardevolle informatie. Maar ik kan heel goed begrijpen dat hij het onaangenaam vindt dat zijn naam bleef figureren in een stuk waarin het op die manier geen functie had. De kans bestaat dan immers altijd dat iemand bij snel googelen enkele zinnen leest en niet de rectificatie ziet. Ik heb daarom besloten alle passages waarin hierboven zijn naam viel, te verwijderen en door […] te vervangen en in één geval, waar dat zakelijk juist is, door [Elsevier].

De naam komt zo niet meer in het document voor. Dat is ook de reden dat ik zijn naam hier niet noem en zijn eigen reactie, die hieronder stond, nu verwijderd heb. Mijn oorspronkelijke rectificerende naschrift  en de rectificerende opmerking in het stuk van Hulsman heb ik ook verwijderd, en door dit nieuwe nawoord vervangen.

Ook de oorspronkelijke reactie van Kees Hulsman, die ik hierboven citeerde, heb ik nu onder het vorige stuk weggehaald. Een andere reactie daar van Kees Hulsman, waarin hij een e-mail aan de Elsevier-redacteur weergaf waarin hij deze om nadere informatie vroeg (en waar hij toen geen antwoord op ontvangen had), had ik in december, tegelijk met het plaatsen van de rectificatie, al verwijderd.

Ik hoop dat de zaak zo naar tevredenheid afgedaan is. Het ging in dit stuk en het vorige om de goede naam van een medemens, Van Agt, die door De Telegraaf en de daarop volgende publiciteit door het slijk was gehaald. Het was uiteraard niet de bedoeling daarbij de goede naam van een ander vervolgens aan te tasten. Vandaar al de aanvankelijke behoedzaamheid en vervolgens de rectificatie. Door de naam nu geheel weg te laten hoop ik dat ik ook aan het nieuwe verzoek naar de intentie daarvan voldaan heb.

(80)