Waarom Amerikanen niet van voetbal houden [Over voetbal I]

door Jan Dirk Snel

[Zondag 15 juni 2014] Nee, naar Nederland-Spanje heb ik vrijdagavond niet gekeken. Dat wil overigens niet zeggen dat ik ondertussen niet wat over de wedstrijd meekreeg. Niet dat ik gejuich in de straat hoorde opgaan. Ik woon in een ingehouden omgeving of mijn woning is goed geïsoleerd – dat in ieder geval – of beide factoren gaan tegelijk op, dat kan ook – en het eerste kan ik vanwege het tweede niet nagaan. Maar ik had CNN aan staan en tijdens zijn programma deelde de heer Richard Quest, die uitsluitend in hoofdletters spreekt – ergens in zijn strottenhoofd moet een soort CapsLock ingebouwd zijn – gaandeweg de uitzending zo af en toe mee hoe het ervoor stond. Bovendien volgde ik ondertussen Twitter nogal en ik vond het boeiend om te zien hoe een groot deel van de tweets aan dit evenement was gewijd. De tussenstanden en de eindstand lieten me volstrekt koud, maar het is altijd aardig om te zien, en voor zover mogelijk interessant om te analyseren, waarom dat bij anderen niet het geval is.

Socialisme
Niet dat ik op zich veel tegen voetbal heb. Ik vond het in jonger dagen een aardig spelletje om te spelen en in vroeger dagen heb ik zo af en toe ook wel eens gekeken. Ik meen dat ik in 1988 het Europees kampioenschap vrij volledig heb gevolgd en kennelijk – ik moest dat voor de zekerheid wel even nakijken, ik onthoud dat soort dingen slecht – werd Nederland toen Europees kampioen. Ik had een slechter moment kunnen kiezen (maar zie wat ik de volgende keer opmerk). Ook nadien heb ik zo af en toe wel eens wat wedstrijden gevolgd. Ik zie ook best in dat andere mensen ervan genieten en gun ze dat graag, maar zelf kost het me moeite om de benodigde concentratie op te brengen. Ik denk dat dat het voornaamste punt is. Ik ben snel afgeleid en ik merk dat ook als ik, samen met anderen, probeer een wedstrijd te bekijken, ik ondertussen toch meestal in een boek of krant, iets met letters althans, die men dezer dagen ook op een scherm kan aantreffen, verdiept raak. De enorme overgave, de gewilde passiviteit die benodigd is om zo’n wedstrijd ook werkelijk te volgen, ik ben daar gewoon niet op uitgerust. Voor mij vereist het te veel wilskracht.

SoccerUnAmerican

.

Toevallig viel mijn oog – via een verwijzing op facebook – op een artikel van de theoloog Stephen H. Webb, ‘Why Soccer Is Un-American‘ (soccer is een wonderlijke afkorting van het eerste woord in ‘association football’) op Politico. Het is een zeer instructief betoog, omdat het er zo volkomen naast zit. En dan zie ik nog maar af van het onlogische, verzonnen tweede deel over voetbal en ADHD (dat dan trouwens ook voor basketbal zou moeten gelden): als het zo moeilijk is je aandacht bij voetbal te houden, zoals ik uit ervaring weet, zal het verplicht kijken ernaar juist niet rustgevend werken. Het eerste deel is interessanter. Meneer laat zich nogal kennen als hij schrijft:

‘Soccer is in this respect is a lot like socialism: Don’t give the fans too much of what they want or they might want to change the game.’

Dat is nogal een ideologisch bevangen, merkwaardige opmerking. Voetbal, soccer dus, is zo ongeveer over de hele wereld, in alle werelddelen, sport numero één en dat zou komen omdat voetbal de aanhangers niet al te veel geeft van wat ze willen? Dus al die mensen zitten min of meer tegenover hun werkelijke verlangens in te kijken? Lijkt me toch sterk. Een soort pendant van het marxistische ‘valse bewustzijn’ dus. Vrijwel de hele wereld zou bestaan uit – daar slaat dat ‘in this respect’ in het citaat op – ‘old-world souls who equate all things gigantic and excessive with crass American consumerism’? Dat gaat er bij mij niet helemaal in.

Machtspolitiek
De vraag waarom waarom voetbal on-Amerikaans is, lijkt me gemakkelijk geherformuleerd te kunnen worden tot de vraag waarom Amerikanen zich relatief afzijdig houden bij een sport die zo ongeveer de hele wereld in aandacht verenigt. Amerika doet weliswaar mee aan het Wereldkampioenschap Voetbal in Brazilië – ik weet inmiddels ook waar het is – en nog wel onder leiding van de Botnanger bakkerszoon Jürgen Klinsmann, maar niemand zal verwachten dat ze hoge ogen gooien en niet erg veel Amerikanen volgen dat, zodat ze, die Amerikanen, ook niet massaal teleurgesteld kunnen raken. Maar doen Amerikanen eigenlijk wel ooit intensief mee aan een wereldwijd geadoreerde teamsport met de kans op veel succes? Ik geloof het niet.

De verklaring lijkt me dan ook heel anders. Amerikanen zijn er aan gewend dat hun land de nummer één van de wereld is en in machtspolitiek opzicht is dat ook zo. Dus besteden ze alleen veel aandacht aan internationale sport als die positie bevestigd wordt. Bij de Olympische Spelen staan de Verenigde Staten in ieder geval wat betreft de medaillespiegel aller tijden bovenaan, vooral, denk ik, door een verzameling van veel individuele prestaties in met name de atletiek en ze zullen dan ook meestal de afzonderlijke spelen wel ‘winnen’, zoals dat ook voor andere internationale tournooien met vele deelnemers zal gelden.

Maar bij teamsporten wint geen enkel land voortdurend. Als het om voetbal gaat, hebben Brazilië en Argentinië, Italië en Duitsland bepaald een goede naam – slechts acht landen werden sinds 1930 wereldkampioen – maar ook zij werden natuurlijk vaker niet dan wel kampioen. In die zin heeft de heer Webb, maar anders dan hij bedoelde, met zijn ‘socialisme’ misschien toch wel een beetje gelijk. Bij sport hoort nu eenmaal dat je vaker verliest dan wint – je moet dingen ‘sportief’ kunnen opvatten – en het is de vraag of Amerikanen dat wel echt kunnen. Dus volgen Amerikanen internationale sportevenementen vooral als ze door hun massaliteit in totaal toch wel winnen. Denk ik.

Individualisme
Wat zijn de geliefde Amerikaanse teamsporten? Webb noemt er een drietal: ‘baseball, (real) football or basketball’. Dat zijn bij mijn weten geen sporten waar de hele wereld bij internationale kampioenschappen massaal voor warm loopt. (Hockey noemt hij ook nog een keer als ‘echte’ sport en daar is al weer meer internationale belangstelling voor, maar ik geloof niet dat de USA daarin nu een grote wereldleider is. Dat noemt hij dan ook een tragische sport.) Dat, het genoemde drietal, zijn toch allemaal teamsporten die vooral binnen de Verenigde Staten veel enthousiasme oproepen – het land is op zich al groot genoeg. Honkbal, daar baseball geheten, is, denk ik vooral een traditionele sport. Het past in een oud patroon: iets met een vrij, kleine harde bal en een slaghout of zoiets. Vergelijk het aloude kolven. Dat soort sporten wordt al eeuwen beoefend. Amerika is vooral een oud land, dat nog volop in de achttiende eeuw, de tijd van de Verlichting, leeft.

Wat valt er bij de eerste twee van die sporten op? Juist, dat het allemaal zo traag gaat, dat het spel soms meer stil lijkt te liggen dan voortgaat. Een wedstrijd American football blijkt uit vier keer een kwartier te bestaan, maar duurt, naar men vertelt, gemiddeld toch tweeëneenhalf uur. En zoals ieder die bij gym op school eindeloos met softbal verveeld werd, weet, bestaat die sport en ook het verwante honkbal, vooral uit eindeloos niets doen. Erg vloeiende sporten zijn het bepaald niet.

Wie bovendien plaatjes van American Football bekijkt, ziet daarbij vooral kerels op een kluitje staan, zij het mogelijk minder dan bij rugby, en ze hebben ook nog helmen met gezichtsbescherming op, zodat ze tamelijk onherkenbaar zijn en er niet veel individuele expressie te onderkennen valt. Zelfs bij honkbal hebben spelers nog iets op hun hoofd, soms ook iets helmachtigs, en ook daar verbergt de vanger zijn gezicht achter beschermend materiaal. Erg persoonlijk ziet het er juist niet uit. Van Webbs verhaal over individualisme als het onderscheidende kenmerk geloof ik dan ook weinig. Ik bedoel, het zal er voor de toeschouwers, die de personen wel kennen en herkennen aan de rugnummers of de motoriek, wel zijn, maar het gaat niet om iets waarin die sporten zich van ‘ons’ voetbal onderscheiden.

Ik denk dus niet dat typisch Amerikaanse sporten als American football en honkbal zich nu per se onderscheiden door bijzondere kenmerken als ‘individual performances’ of ‘moments of beauty’, zoals Stephen H. Webb betoogt. En of ze nu zo veel optimistischer zijn dan voetbal, dat vooral aantrekkingskracht op de pessimist zou uitoefenen? Lijkt me toch sterk. Dan zou dus zo ongeveer de hele wereld door somberheid geplaagd voor voetbal kiezen, terwijl de Amerikanen, vol hoop voor de toekomst, een voorkeur voor sporten die de lichtzijden van het bestaan benadrukken, aan de dag leggen? Ik geloof er niets van.

Oorlog
Het is bovendien nog maar de vraag of de heer Webb zich wel ooit serieus in voetbal, soccer, verdiept heeft. ‘Americans should be able to make progress in any game, overcoming obstacles, changing rules, buying the best players.’ Nou ik volg het allemaal niet zo erg, maar als er nou ergens steeds de beste spelers opgekocht worden en er grote financiële ongelijkheid tussen teams bestaat, dan is het wel in het voetbal. Maar, dat is het aardige, dat geldt alleen voor individuele teams, niet voor landenteams. Dan moet men het – op mogelijk wat dubieuze transacties met paspoorten na – doen met wat er in een land aan ‘materiaal’ – zo worden personen soms beschouwd en verhandelbare voetballers al helemaal – aanwezig is. Als landenteams uit de hele wereld bij elkaar gekocht konden worden, dan zouden de USA waarschijnlijk zo bovenaan staan.

De man heeft kennelijk ook nog nooit van Rinus Michels’ dictum dat voetbal oorlog is, gehoord, want hij schrijft doodgemoedereerd:

‘If sports represents “war by other means” by sublimating the war instinct, soccer represents “sports by other means” by sublimating the sports instinct. It takes all the aggression of competition and renders it nearly pointless.

Daar denken heel wat fans toch anders over, waarbij de vraag naar een mogelijk verband tussen agressie op en buiten het veld overigens een lastige is. Overigens gaat het er buiten het veld, althans in ons werelddeel, bij landenwedstrijden in het algemeen vreedzamer aan toe dan bij wedstrijden tussen specifieke, lokale teams, ook in internationaal verband. De fans van nationale teams, uit het hele land afkomstig, gemoedelijker en minder fanatiek dan de groepjes rond lokale clubs, verstaan de kunst van het sublimeren juist uitstekend. Maar juist omdat voetbal misschien inderdaad gesublimeerde oorlog is, doen Amerikanen niet erg mee. Omdat ze de kunst van het verliezen niet verstaan.

Tragiek
De Amerikaanse afwijking moet verklaard worden en in dit geval lijkt me hierboven gegeven verklaring de beste, namelijk dat Amerika toch al afwijkt en altijd de beste wil zijn. Het kan niet tegen zijn verlies. In die zin is voetbal inderdaad een tragische sport. Maar getuigt het uit de weg gaan van tragiek nu van optimisme of van een al te berekend gebrek aan optimisme, waar de rest van de wereld zich toch elke keer tegen beter weten in weer aan overgeeft? En Amerkanen hebben al genoeg aan zichzelf. Maar laat ik het de volgende keer hebben over wat al deze sporten kenmerkt: de dialectische combinatie van vereenzelviging én bewondering.

Naschrift (14.55 en 15.40 uur)
Zoals dat wel vaker, of misschien wel vrijwel altijd gaat, heb ik enkele formuleringen na plaatsing aangepast. In dit geval was daar extra reden toe. Plaatsing overkwam me. Ik drukte per ongeluk op de knop ‘publiceren’ in plaats van (opnieuw) op ‘opslaan als concept’. Ik was van plan geweest het stuk pas morgen, of in ieder geval nadat ik het aangekondigde vervolgdeel had geschreven, of althans grotendeels in de steigers had staan, te publiceren. Maar nu dat eenmaal gebeurd was, vond ik het ook niet nodig het weer weg te halen. Nu hoop ik maar dat het me ook lukt om een tweede stuk, over vereenzelviging én bewondering, te schrijven.

 ♦

(146)

6 reacties to “Waarom Amerikanen niet van voetbal houden [Over voetbal I]”

  1. SH Webb is een theoloog? Tja, het was altijd al mijn indruk dat die zich niet bekommerden om zoiets banaals als empirische data.

    http://en.wikipedia.org/wiki/Soccer_in_the_United_States

    “With an average attendance of over 18,000 per game, MLS has the third highest average attendance of any sports league in the U.S., and is the seventh highest attended professional soccer league worldwide.”
    “As of 2006, over 24 million Americans play soccer.”

    Bij de vrouwen hebben de VSA drie keer de finale gespeeld en zijn drie keer als derde geëindigd. Het toernooi is zes keer gehouden.

    “De verklaring lijkt me dan ook heel anders.”
    De verklaring is ongelofelijk simpel: anti-Brits sentiment uit de 19e eeuw. Landen die op de één of andere manier geen invloed hebben ondergaan toen het Britse Empire op het hoogtepunt was zijn nu zwak in voetbal. Zie ook China en Japan.

    “het is de vraag of Amerikanen dat wel echt kunnen”
    De Amerikanen die ik heb mogen ontmoeten kunnen volledig tegen hun verlies. Hun favoriete NBA-teams (basketball) worden namelijk ook niet elk jaar NBA-kampioen – wat gelijkstaat aan wereldkampioen. De NBA is inmiddels net zo internationaal als pakweg de Nederlandse eredivisie (bij de Antonio Spurs spelen een Fransman en een Argentijn), met als gevolg dat de Amerikanen niet meer vanzelfsprekend elke Olympische medaille winnen.

    “Honkbal, daar baseball geheten, is, denk ik vooral een traditionele sport.”
    Andere sterke honkballanden: Cuba, Japan, Zuid-Korea en, enigszins verrassend, de Nederlandse Antillen (spelend als Oranje).

    “in dit geval lijkt me hierboven gegeven verklaring de beste”
    Ik denk dat je er naast zit.
    Bovendien denk ik dat binnen enkele tientallen jaren de VSA ook bij de mannen wereldkampioen worden. Sinds het WK daar in 1994 gehouden is nemen ze het serieus. We weten wat dat meestal betekent.

    Mark Nieuweboer

    • We zullen zien of het Amerikaanse voetbal ook internationaal wat wordt, Mark Nieuweboer. Ik zie nog geen weerlegging van mijn stelling. Uiteraard ga ik ervan uit dat Amerikanen persoonlijk wel tegen hun verlies kunnen. Als Amerikaanse teams in een nationale competitie spelen, kan er uiteraard uiteindelijk maar één winnen en verliest de rest dus. Het gaat me om de USA als land in internationaal verband. Zullen de Amerikanen dan ooit een internationaal toernooi in een teamsport zo intensief volgen dat het hele land in de ban is, zoals dat nu met voetbal in diverse landen wel het geval is? De NBA is toch een Amerikaans gebeuren? Dat die dan intern internationaal is, is dus iets anders dan waar het hier over gaat. Voetbal is ook populair in Latijns-Amerika, in vele landen buiten de directe Britse invloedssfeer. En American football is tenslotte ook uit Engeland afkomstig, met misschien wat wijzigingen. Het blijft opvallend dat de USA zich in een aantal opzichten nogal afzijdig houden van de wereld.

  2. “dat het hele land in de ban is, zoals dat nu met voetbal in diverse landen wel het geval is”
    Je overdrijft. Als 7 miljoen Nederlanders afgelopen vrijdag hebben gekeken hebben er nog altijd zo’n tien miljoen niet gekeken. Na vanavond zal ik eens opzoeken hoeveel Amerikanen hebben gekeken.
    Ik heb nooit tegengesproken dat de VSA zich nogal afzijdig houden. Ik heb er een verklaring voor gegeven die heel wat beter voldoet dan de jouwe, bv. omdat ik China en het laat opkomende Japan ook meeneem. Kunnen die landen ook niet tegen hun verlies of zo?
    Bovendien negeer je de empirische data die ik gaf, misschien omdat ze je niet goed uitkomen. Irritant als ik ben geef ik ze graag nog een keer:

    “With an average attendance of over 18,000 per game, MLS has the third highest average attendance of any sports league in the U.S., and is the seventh highest attended professional soccer league worldwide.”
    “As of 2006, over 24 million Americans play soccer.”
    “Bij de vrouwen hebben de VSA drie keer de finale gespeeld en zijn drie keer als derde geëindigd. Het toernooi is zes keer gehouden.”

    Dat valt maar moeilijk te rijmen met “Amerika kan niet tegen zijn verlies en houdt zich dus afzijdig.” Bovendien geef je geen enkele verklaring waarom Amerika in de nationale NBA, waar notabene tegenwoordig zoveel buitenlanders in mee spelen, wel tegen zijn verlies kan en in internationaal wedstrijdverband niet.
    Mijn verklaring (ik heb haar uiteraard niet zelf bedacht, daar ben ik niet slim genoeg voor) – cultureel-historisch – is simpelweg de betere, omdat die heel wat meer gegevens verklaart.
    Inderdaad heb ik geen verklaring gegeven voor de populariteit van voetbal in Zuid-Amerika, maar dat heb jij ook niet, behalve eventueel “Zuid-Amerikaanse landen kunnen wel tegen hun verlies” – wat nogal discutabel is. Zie bv. de Colombiaanse voetballer die is doodgeschoten wegens wanprestatie.
    Ik weet namelijk simpelweg niet hoe voetbal in de Zuid-Amerikaanse landen terecht is gekomen.

    Amerikaans football is afgeleid van rugby en dat is niet zozeer een Engelse als wel een Keltische sport. Daarnaast heeft Amerikaans football vele invloeden van Indiaanse balspelen ondergaan (net als basketball en ik dacht ook, maar weet niet zeker, honkbal).

    Mark Nieuweboer

  3. Ik heb het helemaal niet over iets anders. Ik heb het erover dat “Amerika kan niet tegen zijn verlies” nogal wat haken en ogen heeft. Zoals beloofd:

    Nog wat recente cijfers die aantonen dat voetbal in de VSA inderdaad minder populair is dan in andere landen, maar populairder dan “Amerika kan niet tegen zijn verlies” doet vermoeden.

    http://www.telegraph.co.uk/sport/football/teams/usa/10901944/USA-World-Cup-2014-fever-shows-popularity-of-soccer-is-growing.html

    “The USA has brought more fans to the World Cup than any other nation, and by some distance. The relative proximity of the tournament has meant four times as many tickets have been sold in America as in England. Back home, the combination of a friendly time zone and an irresistible sense of cultural zeitgeist is expected to make America the second-biggest overseas television audience after Germany.”

    http://tvbythenumbers.zap2it.com/2010/06/27/usa-vs-ghana-world-cup-match-averages-nearly-15-million-on-abc-most-watched-mens-world-cup-game-ever-in-u-s/55461/?_ga=1.30252671.151080529.1402974891

    15 miljoen is relatief uiteraard veel minder dan in Nederland, zelfs al is het getal waarschijnlijk te laag (alleen ABC). Vergelijk echter met de NBA finals:

    http://www.nba.com/2013/news/06/21/game-7-tv-ratings.ap/

    26,3 miljoen is niet zo heel veel meer.
    Niettemin stelt het niets voor vergeleken bij andere landen:

    http://qz.com/221767/america-cant-compete-with-ghana-on-pure-soccer-passion/

    Toch is wel duidelijk dat “Amerika kan niet tegen zijn verlies” veel te simpel is. Het verklaart niet waarom er zoveel Amerikanen in Brazilie zijn en waarom het op de Amerikaanse TV de kijkcijfers van de NBA finals aardig benadert. Dat is domweg geen afzijdigheid meer.

    Mark Nieuweboer

    • Met die haken en ogen ben ik het natuurlijk direct eens, Mark Nieuweboer. Misschien neem je mijn lapidaire uitspraak over het als gehele natie niet zo tegen zijn verlies kunnen van Amerika ook iets al te serieus.
      Maar je had het dus wel degelijk over iets anders. Ik had het over de betrokkenheid van gehele naties. Uiteraard kijken er ook in Nederland meer mensen niet dan wel, maar zeven miljoen op zeventien miljoen, meer dan de helft van alle volwassenen dus, dat is wel erg veel. Ook wie nooit of zelden naar voetbal kijkt, zoals ik, kan het niet ontgaan dat er iets aan de hand is. Als ik de Albert Heijn binnenloop, kom ik oranje tompouces tegen, zijn er oranje jurkjes te koop en kom ik nog veel meer spul in die kleur tegen. Ook op straat zie je soms uitbarstingen van Oranje. Zoveel mensen volgen dit dat de rest het ook merkt. In diverse andere landen is de publieke uitbundigheid misschien niet zo groot, maar het voetbal leeft onder zo’n groot deel van de bevolking dat een heel groot deel of bijna de hele natie er nolens volens toch bij betrokken is. Zoiets is met al die gevallen in Amerika nog steeds niet het geval.
      Daarom heb je het wel degelijk over iets anders. De Super Bowl, die leeft erg in de USA, een intern gebeuren. De NBA is ook een interne competitie en dat daar veel buitenlanders in meedoen, is dus ook een interne zaak. Het gaat om allerlei teams in de USA, niet om een nationaal team.
      Er zullen nu dus best veel Amerikanen in Brazilië zijn en er zijn heel wat Amerikanen die iets met voetbal hebben, maar de natie als natie is er nog steeds niet erg bij betrokken. Dat kan uiteraard veranderen. Maar misschien is Amerika net als China en Japan toch nog steeds zo op zichzelf dat het als natie er niet zoveel behoefte aan heeft, zich massief met een nationaal team te identificeren. Kan ooit komen, is bij mijn weten nog niet echt gebeurd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: