Twitterratten en internetanonimiteit

door Jan Dirk Snel

Wie dacht dat de mens in wezen goed is, leefde duidelijk nog voor internet. Sinds iedereen de kans heeft om wat er in hem – of haar (maar eigenlijk is die meestal correcte toevoeging hier nogal onaardig) – opkomt, onmiddellijk openbaar te maken op het wereldwijde web, weten we dat er ook veel vuiligheid in de menselijke geest huist. Misschien hadden we dat wel kunnen raden, maar we hadden het liever niet willen weten. Of? Nou ja, dat is misschien nog maar de vraag

Schelden en dreigen
In – of op – Vrij Nederland van deze week schrijft Elma Drayer een stukje over ‘de duistere zijden van Twitter’. Het gaat dan met name om anonieme bedreigingen en gescheld. In dit geval wordt de primaire aanleiding gevormd door de grote hoeveelheid dreig- en scheldtweets die Ebru Umar over zich heen kreeg nadat ze in een treinkrant zich eerst zelf beledigend had uitgelaten. Drayer citeert daar enkele voorbeelden van, maar het is natuurlijk volstrekt duidelijk dat die op geen enkele wijze de enorme reeks bedreigingen en scheldpartijen jegens Umar rechtvaardigden. En we hebben eerder zulke twitterstormen gezien. De manier waarop de hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad, Mariska Orbán-de Haas, in voorgaande jaren de volle laag te verduren kreeg, was mogelijk nog ernstiger. En ik heb ook wel eens aandacht besteed aan de orgie van verbaal geweld en haat die paus Benedictus XVI eind vorig jaar over zich heen kreeg, al zal die daar zelf dan weer wat minder van gemerkt hebben.

pausschelder

Deze meneer uitte zijn moorddadige fantasieën onder eigen naam. Ook dat kun je op Twitter tegenkomen.

Daarbij kan het uiteraard een goed idee zijn om bij werkelijk ernstige bedreigingen aangifte te doen en misschien is het ook goed als Twitter daar een speciale meldfunctie voor instelt. Het lijkt me echter nog maar de vraag hoe serieus we de meeste bedreigingen moeten nemen. Dreiging, althans een dreiging op internet, is een wat elusief en paradoxaal begrip. Op zich zou je zeggen dat een dreiging de aankondiging van iets anders is. Men dreigt met iets. Als iemand op straat kwaad op je afkomt en roept dat ie je wel eens te grazen zal nemen of doodmaken, is het verstandig om je uit te voeten te maken, vooral als die ander groter en sterker is en er echt opgewonden uitziet. En het is misschien ook verstandig om daarna maar even bij de politie langs te gaan en melding van het voorval te maken. Maar een dreiging op internet, zonder het directe fysieke aspect, is gewoonlijk geen verwijzing naar een komende actie, maar een handeling op zich en waarschijnlijk ook het doel op zich. Iemand met de dood bedreigen is meestal niet meer dan een machteloze vorm van schelden.

Anonimiteit
En het gaat natuurlijk niet alleen om Twitter, maar om internet in het algemeen. Het aardige van Twitter is nu juist dat je de schelders makkelijk van je af kunt schudden. Toen ik in juli 2010 actie probeerde te ondernemen tegen het voornemen van twee politieke partijen om in zee te gaan met een antirechtsstatelijk gezinde politieke groepering en daarover op mijn toenmalige – nu om praktische redenen niet zichtbare – weblog het een en ander schreef, leverde dat ook een keer een stukje op GeenStijl op – met link. De reactiemogelijkheid had ik toen nog openstaan en binnen de kortste keren stonden er tientallen of honderden scheldpartijen op mijn weblog. Ik heb ze niet volledig gelezen, omdat ik meestal in de tweede of derde zin wel voor sukkel of zo werd uitgemaakt, wat genoeg aanleiding was het stukje naar de prullenbak te verwijzen. Maar ik herinner me nog wel dat er ook reacties bij waren die op zich wel dreigend geformuleerd waren en waarin bijvoorbeeld gemeld werd dat men wel wist waar ik te vinden was – niet moeilijk, omdat mijn adres altijd op mijn weblog staat.

Werkelijk bang ben ik daar niet van geworden, maar wat me wel raakte, was de onredelijkheid. Waarom kunnen mensen niet even normaal doen? En dat is hetzelfde gevoel dat me aanvankelijk op Twitter ook wel trof bij ruwe reacties. Mensen die je vanuit het niets ineens uit komen schelden, vaak ook nog in grote kapitalen. Het is de irrationaliteit, waar ik nooit aan heb kunnen wennen. Overigens gaat het dan echt niet alleen om anonieme reacties. Ook mensen die met naam en toenaam bekend zijn, en soms zelfs met goede posities, kunnen heel onheus en onfatsoenlijk uit de hoek komen en misschien komt dat soms nog wel harder aan. De schaamteloosheid is soms groot. Een voorbeeld dient hierbij als illustratie.

Wel is het mijn indruk dat de anonimiteit de algehele norm verlaagt. Wat je leest, heeft onherroepelijk invloed op je normen. Van vrienden die op de universiteit doceren, heb ik ook wel gehoord dat studenten het laatste decennium grover in de mond zijn geworden en de invloed van internet en bepaalde websites zal daar ongetwijfeld debet aan zijn.

Nieuwssites
Elma Drayer schrijft in haar stuk:

‘Je zou zeggen: hef die anonimiteit dan op. Zal op z’n minst afschrikkend werken. Maar wie dat verlangt, bevindt zich in het onaangename gezelschap van, bijvoorbeeld, de machthebbers in Saoedi-Arabië. Ook dat soort regimes, las ik onlangs, zou niets liever willen dan precies weten welke twitteraar welke tweets verstuurt.’

Ze heeft een punt. Er kunnen allerlei goede redenen zijn waarom mensen anoniem op internet aanwezig willen zijn. Maar de keuze lijkt me niet die tussen wel of geen algehele anonimiteit, maar eerder tussen waar wel en waar niet. Facebook wil bij mijn weten zoveel mogelijk echte namen van mensen. Twitter vroeg daar tot dusverre niet om. Dat verschil komt me begrijpelijk voor. Op facebook is er sprake van wederkerigheid, op Twitter staan volgen en gevolgd worden los van elkaar. En je kunt dus iemand volledig uit je zicht bannen.

Maar ik zie wel een plek waar anonimiteit normvervagend werkt en dat is in de reactiepanelen van kranten- en nieuwssites. Het blijft onbegrijpelijk dat ook fatsoenlijke kranten als Trouw en de Volkskrant nog steeds anonieme reacties plaatsen. Als dezelfde kranten brieven afdrukken, zetten ze de naam en de woonplaats van de schrijver erbij en de redactie wil weten wat diens of dier adres is. Waarom dan niet dezelfde regels op de site toegepast? Ik weet wel dat er gemodereerd wordt, maar het niveau van de reacties blijft laag. En doordat er onder allerlei vreemde benamingen zo veel onzinnige commentaren verschijnen, wordt het ook minder aantrekkelijk om onder eigen naam wel een serieuze reactie te schrijven. Ik heb serieuze geleerden gesproken die een stukje naar de krant gestuurd hadden en die vervolgens perplex stonden over de bagger die ze op de site van de krant over zich heen kregen. Beledigend. Zelf heb ik allang geleerd om nooit, maar dan werkelijk nooit, de reacties te lezen onder een stukje van me op een nieuws- of opiniesite.

In 2011 kondigde het Brabants Dagblad aan dat het met anonieme reacties zou stoppen, maar inmiddels zie ik ook daar al weer dat ‘johan’ en ‘Loe’ zonder nadere aanduiding onherkenbaar hun commentaren mogen geven. Jammer, want waarom zou ik nu lezen wat ze schrijven?

Beschaving
Beschaving betekent je beter gedragen dan je bent. Natuurlijk weten we dat er allerlei raars in de hoofden van mensen huist, maar het is beter dat ze dat voor zich houden, zoals het ook verstandig is dat ik niet elke gedachte over medemensen hier direct neerzet. Er komen wel eens gedachten bij me op die ik liever niet had. Maar nu we weten dat allerlei vuil toch naar buiten komt, is het ook een kwestie van voorbereid zijn. Redelijke mensen zijn geneigd te reageren, maar daarmee speel je de belediger nu juist alleen maar in de kaart. Laat hem in zijn eigen vet gaar smoren. Maar al te vaak zie je op Twitter hoe mensen een fittie met een schelder openbaar uitvechten door diens twitternaam midden in een tweet te zetten en zo iedereen erbij te betrekken of ook om zo een blok algemeen aan te kondigen.

Gewoon niet doen. Zowel onze redelijkheid als onze nieuwsgierigheid, die zowel een deugd als een ondeugd kan zijn, werken hier tegen ons. Ik ken overigens heel veel mensen die van al dat gescheld nooit iets merken, simpelweg omdat ze nooit op Twitter kijken. We doen het onszelf aan. Maar we hoeven ons nu ook weer niet te laten wegjagen – daarvoor heeft Twitter als uitwisselingsmedium te veel moois te bieden. We bepalen ook zelf waar we wel of niet op internet kijken, maar het zou al heel wat zijn als op zijn minst een aantal sites zijn best zou doen een beschaafdere omgeving te creëren.

Naschrift
Over mijn ervaringen met Twitter schreef ik na 25.000 tweets op 16 november 2011 ‘Bang voor Twitter‘. Bij mijn 40.000tweet na precies drie jaar twitteren schreef ik op 19 mei 2013 ‘Het aardige van Twitter‘.

(116)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: