Een enkel woord over Heldring

door Jan Dirk Snel

Vandaag is het een maand geleden dat J.L. Heldring (Amsterdam 21 december 1917-Den Haag 27 april 2013) overleed, ook al hoorden we dat pas twee dagen later, op de dag voor de inhuldiging van de nieuwe koning.

Conservatisme
Heldring moet ik al gelezen hebben voor ik dat doorhad. Dat laat zich gemakkelijk verklaren. In 1974 had Heldring in Liberaal Réveil zijn essay ‘Lof van het conservatisme’ gepubliceerd en dat maakte een jaar later deel uit van het schriftelijk eindexamen. Het Kamerlid Pier van Gorkum stelde daar op 14 mei 1975 Kamervragen over:

‘1. Is het u bekend, dat bij het eindexamen Nederlands voor gymnasium en atheneum de kandidaten zich 2½ uur hebben moeten bezighouden met het bestuderen van een artikel uit het maandblad ‘Liberaal Reveil’, getiteld: ‘lof van het conservatisme’, om daarvan ten slotte in eigen bewoordingen een samenvatting te geven van maximaal 500 woorden?
2. Welke overwegingen hebben bij deze keuze van dit artikel een rol gespeeld?
3. Hebt u de bevoegdheid en, zo ja, bent u bereid progressieve jongeren, die wat meer moeite gehad hebben zich in te leven in het onderwerp en het betrokken maandblad ook niet van huis uit kennen, in de gelegenheid te stellen – in het kader van gelijke kansen – een alternatieve examenopgave te laten maken?’

Staatssecretaris Antoon Veerman antwoordde daar op 27 mei 1975 op:

Exif_JPEG_PICTURE

J..L. Heldring, foto op de achterzijde van ‘Het verschil met anderen’ (1975)

‘1. Ja.
2. Toetsing van de beheersing van het Nederlands.
3. Neen.’

Daar werd toch waarachtig niet veel overheidsgeld aan verspild. En nee, ik deed in dat jaar geen eindexamen, maar ik herinner me wel dat deze opgave ons later ter oefening werd voorgelegd. Later las ik het stuk nog eens in het boek Het verschil met anderen, dat uitgever Geert van Oortschot hetzelfde jaar – het jaartal staat er overigens niet in – uitgaf. Ik vind altijd nog de foto op de achterkant leuk. Was dat nu een conservatief? Destijds lieten deftige mannen zich nog met stropdas fotograferen, niet met het hemd zichtbaar. Maar Heldrings conservatisme was vooral een kwestie van nuchterheid, van het afstand nemen van ideologieën.

Later zag ik hem wel eens op de KB lopen. Daar moest je vroeger namelijk naar toe, als je boeken in Amsterdam niet kon vinden en de Nederlandse Centrale Catalogus in Den Haag moest raadplegen. Hij was altijd in vrijetijdskleding en hij had natuurlijk ook vrije tijd. Ik herinner me ook nog dat ik hem een keer hoorde spreken bij de opening van de tentoonstelling Het Réveil in druk in de universiteitsbibliotheek aan het Singel – dat was in 1998. Hij sprak daar over zijn overgrootvader Ottho Gerhard Heldring (1804-1876), waarbij het aardige was dat hij niet diens lof bezong, maar juist passages uit diens geschiften over de armen en hun houding citeerde die wij nu nogal ‘politiek incorrect’ zouden vinden. In 2005 kwam hij nog eens een hele dag naar een symposium van de Nederlandse Vereniging voor Kerkgeschiedenis rond de dissertatie van Beatrice de Graaf. Ik had hem uitgenodigd en hij kwam ook en zat de hele dag in een tuinstoel vooraan. Dat ik wel eens brieven van hem ontving, is, naar ik begrijp niets bijzonders, want hij schreef iedereen terug. Zeer correct.

Idealen
Terecht is Heldring bij zijn overleden zeer geprezen voor zijn rustige, analyserende benadering en met veel van die beschouwingen ben ik het wel eens. Toch denk ik dat hij zelf sommige vormen van bewieroking ook wel wat overdreven gevonden zou hebben en dat hij het nu ook weer niet nodig had gevonden dat de NRC op maandag 29 april zelfs met zijn overlijden opende, al past dat in de huidige trend, waarin kranten de voorpagina vaak nogal onvoorspelbaar invullen. Het is eerder in zijn eigen geest om enkele nuchtere kanttekeningen te plaatsen.

Bij zijn dood herplaatste zijn krant het stuk dat hij op 7 april 2012 bij zijn afscheid geschreven had, ‘Niet om de lezer te bekeren, maar om hem ten dienste te zijn’. Daarin noemt hij enkele roden draden in zijn werk. Hij noemde de nadruk die hij op de rol van de macht in de politiek placht te leggen. En hij noemde zijn scepsis:

‘Mijn scepsis heeft niet altijd de instemming gehad van idealisten en politici. Wat de eersten betreft: het hebben van een ideaal is op zichzelf geen aanbeveling. In de vorige eeuw is het idealisme van miljoenen misbruikt. Wer Visionen hat, muss zum Arzt, zei Helmut Schmidt eens (het Duitse woord Vision betekent zowel visie als visioen). En wat de politici betreft: met scepsis win je geen stemmen, wèl met stralende vergezichten, totdat de werkelijkheid uitblijft, zoals nu bijvoorbeeld.’

Daar zit ook iets gemakkelijks in. Ja, Heldring heeft gelijk dat het hebben van idealen op zich nog geen aanbeveling is, maar dat wil naar mijn indruk nog niet zeggen dat we geen behoefte kunnen hebben aan visie. En een werkelijke visie voor de toekomst is iets anders dan het aanhangen van een willekeurig ideaal. Heldring bood een goed antidotum tegen allerlei ondoordachtheid, maar hij maakt er zich met zijn scepsis soms ook wat te gemakkelijk vanaf. Of laat ik het positiever formuleren: zijn rol was nuttig. Maar ik ben toch ook blij dat er ook  bevlogen mensen zijn, die daarbij ook nog weten waar ze het over hebben.

Het hebben van idealen is op zich inderdaad aanbeveling, maar het niet hebben van idealen is dat ook niet. Dat Heldring altijd weer Jan Pronk noemde, geeft naar mijn idee ook aan dat die man iets had dat Heldring zelf miste. Het was niet alleen afzetten, maar ook aantrekkingskracht, dat kan niet anders. Bovendien, als het om de analyse van macht gaat, hoe die werkt en wie die heeft, is Jan Pronk zeker zo’n grote realist als Heldring. Natuurlijk moet je bij de analyse van politieke verhoudingen, vooral ook de internationale verhoudingen, op de machtsfactor letten, maar aan macht op zich heeft niemand iets. Het is een voorwaarde om iets te kunnen doen. En je zult dus ook moeten analyseren hoe mensen en staten macht gebruiken. Ze doen er iets mee en ze willen er iets mee.

En dan zijn ook macht en idealisme geen tegenstellingen. Staten zullen op hun gevestigde belangen moeten letten, maar dat is niet alleen een kwestie van macht, maar in feite ook van onmacht, omdat ze daardoor in hun handelen beperkt worden. Verder gebruiken ze de macht voor doeleinden die ze belangrijk vinden. Maar op zich ben ik het met Heldring eens: idealen zijn op zich nog geen aanbevelingen. Aan het optreden van George Bush jr en vooral Dick Cheney hebben we gezien hoe desastreus de gevolgen van schoonklinkende, maar ondoordachte idealen – ‘wij gaan even democratie brengen’ – kunnen zijn.

Meningen
Een ander wat paradoxaal punt bij Heldring is zijn distantie ten aanzien van het verkondigen van meningen. In het afscheidsartikel haalt hij de historicus Pirenne – er staat Louis, maar hij bedoelde Henri – aan:

‘Aan zijn Nederlandse collega Huizinga schreef hij eens: L’essentiel est de faire réfléchir. Waar het op aankomt is de mensen tot nadenken te zetten, dus niet hun met eigen meningen om de oren te slaan. Er zijn al veel te veel meningen, het columnistendom tiert welig – zo welig dat de lezer, anders dan de bedoeling is, niet wijzer wordt van die baaierd aan meningen, eerder de neiging krijgt te denken: ze zoeken het zelf maar uit.’

In 1975 schreef hij in Het verschil met anderen bijna hetzelfde:

‘Mij wordt wel verweten dat ik, in mijn artikelen, zelden een oplossing aangeef, ja mijn eigen mening haast nooit blootgeef. Dit verwijt wijs ik niet helemaal van de hand. Het weerwoord dat ik erop kan geven is dit: dit gebrek hangt samen met het analytische karakter van mijn stukken. Bovendien: er zijn zoveel problemen waar op ik het antwoord niet weet of waarover ik nog geen afdoende mening heb. Moet ik daarom zwijgen? En ten slotte: we worden al links en rechts met meningen om de oren geslagen. Moet er nog eentje bijkomen? “L’essentiel est de faire réfléchir”, schreef Henri Pirenne’ eens aan Johan Huizinga, en dat bereik je eerder door het zetten van vraagtekens dan van uitroeptekens.’

Eens op zich, maar ook opnieuw het wat knagende gevoel dat het ook wat gemakkelijk is. Maar zo wat roepen is inderdaad geen mening, maar je zou ook je best kunnen doen om werkelijk een mening te vormen. Bovendien weet ik niet zo goed of het verschil tussen een analyse en een mening nu wel zo groot is. Een goede mening komt immers voort uit een doorwrochte analyse en die komt niet automatisch, daar moet je aan werken.

Hans Goslinga, die eerste ontvanger van de Heldringprijs, tweette:

‘Heldring blijft een voorbeeld voor elke journalist: eerst de feiten, dan de analyse van de feiten en zonodig nog een mening over de feiten.’

Juist, maar er zit dan ook iets paradoxaals in de waardering. Heldring wordt ook in feite geprezen omdat hij een anticolumnist was. Maar iemand die het alleen om de feiten gaat, is gewoon een journalist en diens naam onthouden we niet. Een journalist die braaf dertig jaar bij de buitenlandredactie werkt en ons dag in dag uit van feiten en zakelijke analyses over gebeurtenissen in de hele wereld voorziet, zal nooit zo’n bekendheid verkrijgen als Heldring met zijn columns. De lezer herkent de naam misschien vagelijk, maar veel verder gaat de band meestal niet. Heldring is niet bekend geworden omdat hij ons de feiten zo goed meedeelde, maar omdat hij er commentaar bij gaf, ook al was dat vaak in vragende vorm.

Nuttig
Eigenlijk vond ik het vaak niet zo bijzonder wat Heldring schreef. Maar volgens mij vond hij dat zelf ook niet. En of hij nu zo vaak te denken gaf, vraag ik me ook af, omdat ik vaak dacht: ja, zo is het wel zo ongeveer. Je had dan geen spectaculaire inzichten opgedaan, maar je wel met hem over een bepaald thema gebogen. Ook dat was nuttig.

(96)

2 reacties to “Een enkel woord over Heldring”

  1. In alinea Idealen is het woord geen weggevallen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: