Moreel schelden op de paus. II. Het volledige NRC-stukje

door Jan Dirk Snel

.:.

Ach, laat ik het onderstaande stukje, een reactie op de column van Bas Heijne in NRC Handelsblad (‘Homo‘) en De Standaard (‘De goede verstaander‘) op zaterdag 29 december 2012, toch maar vast plaatsen. Ik schreef het de volgende dag en stuurde het naar beide kranten. En ja, ik wist wel dat het met ruim 1300 woorden eigenlijk te lang was, maar dit wilde ik toen eerst eens opschrijven en je weet nooit van tevoren met welke tegenvoorstellen omtrent lengte kranten dan komen.

82 logo_ratzinger

De opinieredactie van NRC Handelsblad maakte hier een briefje van dat op woensdag 2 januari 2013 op pagina 14 van de krant verscheen. Ik moest ook maar afwachten wat ik uiteindelijk geschreven bleek te hebben, maar ik kan goed met de samenvatting leven. De krant heeft van een deel van het begin en van enkele woorden aan het eind een eenheid gemaakt. De Standaard vroeg mij eerst het stukje tot 700 woorden terug te brengen, wat ik gedaan heb (waardoor het stuk ook meer vaart kreeg), maar vond vervolgens toch geen ruimte het te plaatsen.

Ik moet nog een afsluitende slotbeschouwing schrijven, waarin ik ook inga op enkele andere reacties, die ik gezien heb, en waarin ik ook enkele nadere vragen die Bas Heijne via Twitter stelde, probeer te beantwoorden. Hij vond mijn briefje ‘wat betuttelend’ en klaagde over de volgens hem ongepaste ‘denigrerende toon’, die uit de opmerking over ‘journalistiek handwerk’ zou blijken. Wat mij betreft gaat het in dit geval vooral over journalistieke zorgvuldigheid. Maar ik zal proberen dat nog nader toe te lichten.

In dit stukje heb ik ook geprobeerd te laten zien hoe je met de woorden van de paus om kunt gaan, door ze eerst te lezen en er vervolgens inhoudelijk op in te gaan. Het zal, hoop ik, iedereen duidelijk zijn dat mijn stukje in de Volkskrant geen inhoudelijke verdediging van woorden van de paus was – in de volledige versie komt dat nog iets duidelijker tot uiting – maar wel een oproep eerst eens zorgvuldig te luisteren naar wat iemand nu zegt en dan pas enigszins gefundeerd te reageren.

Maar goed, hier volgt dus een stukje dat inmiddels acht dagen geleden geschreven werd. De tekst heb ik ongewijzigd gelaten, de tussenkopjes heb ik nu toegevoegd.

 ♦

.

Contra Heijne

De column waarmee Bas Heijne 2012 afsloot, was zeker niet zijn beste – en dat niet alleen omdat hij mijn naam fout schreef. Dat hij mijn voornamen omkeerde, ach, daaraan ben ik gewend, maar dat hij ook nog een loos verbindingsstreepje toevoegde, dat stoorde me echt. Sommige dingen in de wereld horen nu eenmaal in orde te zijn. En daarmee zijn we precies bij een thema waar het hier omdraait: wat is de morele orde in de wereld?

Gezin
Bas Heijne is het oneens met een stuk dat ik de vorige dag in de Volkskrant publiceerde, waarin ik twee vragen beantwoordde. Allereerst: wat had de paus een week eerder nu werkelijk gezegd? En ten tweede: hoe dient de scheldcultuur waarmee diens woorden bejegend werden, geduid te worden? Maar wat zijn nu precies Heijnes bezwaren? Daar valt niet zo gemakkelijk achter te komen. Op geen enkel punt weerlegt hij mijn betoog concreet.

Als Heijne mijn observatie aanhaalt dat, hoezeer men het wellicht oneens kan zijn met Ratzingers uitingen, geen redelijk mens daarin ook maar een ‘spoortje’ homohaat zal aantreffen, zet hij daar wel een retorisch vraagteken bij, maar voert hij toch geen enkele aanwijzing aan. Kennelijk is hij het met me eens. Wel verliest hij onmiddellijk het journalistieke handwerk uit het oog als hij schrijft:

‘Begin dit jaar noemde Ratzinger het homohuwelijk “een bedreiging voor de menselijke waardigheid” en, schepje erbovenop, een bedreiging “voor de toekomst van de mensheid zelf”. Twee weken geleden beweerde hij dat het homohuwelijk de wereldvrede bedreigt.’

Klopt niet. Heijne schrijft fouten van anderen over in plaats van bronnen te raadplegen. Nergens had Ratzinger het in de aangehaalde teksten over het ‘homohuwelijk’.

Het is vrij simpel: de paus houdt telkens positief een pleidooi voor het traditionele gezin van man, vrouw en kind(eren). Dat impliceert negatief inderdaad dat hij gelijkstelling van het ‘homohuwelijk’ afwijst – had ik in mijn Volkskrant-stuk al opgemerkt, niks ‘zand in de ogen’ – maar evenzeer dat hij, en dat wat openlijker, ageert tegen echtscheiding, overspel en alles wat het huwelijk verder maar kan bedreigen.

Hermeneutiek
Bas Heijne verliest zich in enkele opzichtige tegenspraken. De paus schijnt zich tegelijk gematigd en op ‘chanterende apocalyptische toon’ te uiten. Hoe dat kan? Hij zegt niet wat hij denkt, maar als ‘goede verstaander’ weet Heijne toch wat de paus werkelijk bedoelt. Alleen blijken zijn citaten dan niet te kloppen en voert hij voor de stelling dat ‘de homo (…) als vijand van de mens voorgesteld’ wordt, geen enkele onderbouwing aan. Loze bewering. Heijne wekt de indruk over een bijzondere hermeneutische sleutel te beschikken, maar maakt er niets van.

Ik zou gewoon denken dat Ratzinger precies zegt wat hij bedoelt. Dat is des te waarschijnlijker, omdat zijn woorden uit pr-oogpunt niet bepaald gelukkig werken en door journalisten gemeenlijk ruw en soms regelrecht onjuist ‘vertaald’ worden. Als het niet om het effect gaat, moet het wel om diepe overtuigingen gaan, zou je zeggen. Wat Heijne ‘omfloerst’ noemt, lijkt eerder een behoedzame academische denkwijze te zijn. Wie in de paus een radicale bestrijder van ongebreideld kapitalisme wil zien, vindt bijvoorbeeld heel wat directere citaten. Maar zodra het over morele zaken gaat, is Ratzinger opvallend terughoudend.

Natuurrecht
Zo onbegrijpelijk is Ratzingers denkwijze niet. Als hij het over de bestemming van mannen en vrouwen in het traditionele gezin heeft, beroept hij zich vaak op het natuurrecht. Dat is opmerkelijk, omdat hij in zijn debat van 2004 met Jürgen Habermas juist opgemerkt had dat het natuurrecht als instrument ‘helaas bot’ was geworden. Maar kennelijk vindt hij hier dat het gaat om algemene leringen der mensheid en niet specifiek om opvattingen van de kerk. En tot voor kort was dat ongetwijfeld zo.

De paus constateert terecht dat het bij de nieuwe opvattingen over ‘gender’ gaat: geslachtstrollen zijn niet ‘van nature’ gegeven, maar worden nader ingevuld. Hij gaat daarom in dialoog met het existentialisme van Simone de Beauvoir, waarbij de mens zichzelf schept, en met het sociaal constructivisme. Dat laatste is een gedachtegang die lange tijd inderdaad voorkwam. Men denke slechts aan de emotionele bezwaren waar Dick Swaab in 1989 nog op stuitte toen hij met zijn ‘homokwab’ kwam. Tegenstanders meenden dat seksuele geaardheid een persoonlijke vrije keuze was.

Het tragische lijkt dat Ratzinger vooral tegen achterhaalde wijsgerige ideeën lijkt te strijden, maar daarbij niet goed ziet dat huidige pleidooien voor openstelling van het huwelijk voor mensen van hetzelfde geslacht – in Nederland tien jaar geleden wettelijk geregeld, maar in de meeste landen nog niet – zich juist ook op de natuur beroepen, maar dan net anders.

Ratzingers versie van het natuurrecht komt uit aristoteliaans-thomistische bron, waarbinnen een zaadje een bloem wordt, een eikel een krachtige boom en mens zijn bestemming vindt in een traditioneel huwelijk. Er wordt gedacht in algemene termen en tot en met de Verlichting, waarin een iets andere vorm van natuurrecht prevaleerde, bleef dat zo. Pas in de Romantiek kwam een andere meer subjectieve opvatting op, waarbij niet de algemene menselijke natuur, maar de authentieke, subjectieve aard van het individu de doorslag geeft. Twee eeuwen geleden was die optie alleen voor kleine elites van geleerden en kunstenaars beschikbaar, maar met de toenemende welvaart werd ze in de culturele omslag van de jaren zestig steeds wijder verbreid. Het is typerend dat autonomie – bij Kant nog: jezelf een algemene wet opleggen – tegenwoordig vaak opgevat wordt als ‘zelfbeschikking’: het volstrekte romantische tegendeel van de oorspronkelijke verlichtingsbetekenis.

Verscheidenheid
Het is deze meer persoonlijke opvatting van een persoonlijke, authentieke natuur die de huidige opvattingen over ‘gender’ vormgeeft en dat is een heel andere dan de absoluut vrije keuze waaraan Ratzinger denkt. Homo-emancipatie kwam duidelijk in de slipstream van de vrouwenemancipatie, zowel in de eerste als de tweede golf. Het was in 2012 juist honderd jaar geleden dat jonkheer Jacob Schorer het Nederlandsch Wetenschappelijk Humanitair Komitee, de voorloper van het COC, oprichtte.

En we hebben gezien dat vrouwenemancipatie niet de sociale verschillen tussen geslachten uitgewist heeft, geen gelijkschakeling of omkering bracht, maar wel een veel gevarieerdere individuele invulling van maatschappelijke rollen mogelijk maakte. Ook het ‘homohuwelijk’ kan men zien als een (burgerlijke) invulling van meer concrete persoonlijk ervaren ‘natuur’ binnen bestaande patronen.

Het idee van een algemene geldende orde, waar het de paus om gaat, kan men gemakkelijk herkennen. Zoals er mensen zijn die al van de streek raken van een schoenenkastje in een zogenaamde halalwoning of van cursussen waarbij mannen of vrouwen gescheiden worden en zoals sommige Egyptische moslims geen herkenbaar koptisch kerkgebouw in de openbare orde van hun dorp accepteren, zo kan men zich ook voorstellen dat een groot deel van de mensheid, met de paus als woordvoerder, vasthoudt aan de traditionele orde van het huwelijk. Maar juist onze betere onderkenning van de verscheidenheid van de menselijke natuur vormt een goed argument daartegen. (Juridische erkenning van polygamie stuit vaak nog wel op zo’n algemeen gevoel dat het met de morele orde strijdt.)

Kritiek
Bas Heijne denkt dat ik klaagde over ‘de toon van de kritiek’. Verder kan hij er niet naast zitten. Ik heb helemaal niets tegen kritiek, ook niet tegen felle, zolang ze maar inhoudelijk is. Waar ik wel over klaagde, was de vervanging van kritiek door gescheld.

Het is spijtig te moeten constateren dat ook Heijne, die zo vaak terecht kritisch en bedachtzaam schrijft over het populisme – een significante uiting van de hedendaagse scheldcultuur, zou ik zo denken – nu zelf in een onbewaakt ogenblik voor de verleiding bezweek. Twee keer heeft hij het over het scheiden van ‘de gekken van de gematigden’. Maar hoe je zijn artikel ook leest, je ontkomt toch niet aan de indruk dat hij ook de paus onder de ‘gekken’ rangschikt. Die kan dan wel de ‘verhullende taal van het christenhumanisme’ bezigen, ook ‘de taal van de gematigden’ blijkt vaak door gekken gehanteerd te worden. En met gekken hoef je nu eenmaal niet in dialoog te gaan. Die noem je gevaarlijk en daarmee ben je er vanaf.

Wat jammer dat Heijne niet gewoon echt leest wat de paus te berde brengt en daar met een keur van argumenten op in gaat. Redelijkheid heeft, denk ik, nu eenmaal veel met rationaliteit te maken.

 ♦

(82)

5 Responses to “Moreel schelden op de paus. II. Het volledige NRC-stukje”

  1. Wat een erg goed betoog! DHR. Snel is als een literair schild voor de zwakkeren.

  2. “Zo onbegrijpelijk is Ratzingers denkwijze niet. Als hij het over de bestemming van mannen en vrouwen in het traditionele gezin heeft, beroept hij zich vaak op het natuurrecht. Dat is opmerkelijk, omdat hij in zijn debat van 2004 met Jürgen Habermas juist opgemerkt had dat het natuurrecht als instrument ‘helaas bot’ was geworden.”

    Had dat niet ook te maken met het feit dat het een gezamelijk taalveld veronderstelt? In dat kader vond ik dit wel een verhelderend stuk: http://www.catholicculture.org/culture/library/view.cfm?recnum=9955

  3. Beste Jan Dirk,
    Op de website van De Volkskrant stond een naar mijn mening naargeestig stuk van Bart Schut. Hij geeft hierin fors af op gelovigen en op de demonstranten in Parijs tegen het honohuwelijk.
    In een eigen stukje reageerde ik hier op, dit werd gisteren op de site geplaatst.
    Vervolgens constateer ik dat in de (vele) reacties ook weer veel wordt gereageerd op zaken die ik niet schrijf, maar die mensen me toedichten (meestal ten onrechte):
    http://www.volkskrant.nl/vk/nl/3184/opinie/article/detail/3378624/2013/01/17/Maak-je-Parijse-betogers-zwart-dan-ben-je-niet-veel-beter-dan-homofoben.dhtml

    • Waarde Marcel Buurman, dank voor je reactie. Ja, ik zag het stuk in de Volkskrant waar je op reageerde. Als deze auteur zegt dat de demonstranten ‘verenigd door hun haat tegen de liefde’ zijn, is dat simpelweg feitelijk onjuist – en ook erg irrationeel.
      Ik heb inmiddels trouwens geleerd om nooit de reacties onder een krantenartikel te lezen, ook niet bij een stuk van mezelf. Toen ik destijds keek of het op de site stond, zag ik dat de toen derde reageerder meteen begon te schelden. Dan heb ik verder ook geen behoefte om nog meer commentaren te lezen en ik heb dat ook niet gedaan.
      Ik moet eigenlijk nog een derde stuk schrijven. Door omstandigheden kwam er niet van, maar ik moet toegeven dat ik er ook weinig zin meer in heb. Maar eens kijken of het me de komende week toch lukt.
      Het was goed dat je de zaken rustig in perspectief zetten. Dit soort discussies dienen met oog voor de verschillende argumenten gevoerd worden. Dat sommigen dat niet kunnen of niet willen, geeft te denken.

Trackbacks

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: